En route (deel 3)

Print Friendly, PDF & Email

Ik kon mijn gezicht strak houden. Ik had er zelf nog niet eens zo over nagedacht. Tenminste, niet aan het vergelijk met Stef. Dat David leuk was dat was me ook allang opgevallen, daar had ik Olav’s opmerking niet voor nodig. Ik wilde er ook niet aan denken. David had net zijn relatie verbroken, maar dat was zijn probleem. Ik wilde het niet toelaten. Niet nu. Niet waar Olav bij was. Niet nu ik twee weken kwaliteitstijd had met mijn zoon die ik toch al veel te weinig zag naar mijn zin. Olav ging nu voor alles. Wat er ook gebeurde. Dat Olav hem wel gezellig en leuk vond deed me goed. Mocht David met ons verder trekken dan had het in ieder geval Olav’s goedkeuring. Maar dan nog. Ik wilde ten koste van alles voorkomen dat er ook maar iets tussen Olav en mij kwam te staan. Dit was onze vakantie, dit waren onze twee weken. Olav keek me onderzoekend aan. Ik moest iets zeggen.
‘We zien wel, ik heb geen idee wat hij verder wil met zijn vakantie.’
‘Plek genoeg in de bus.’
‘We zien wel, Olav. Reken er maar niet op.’
Olav keek verbaasd omdat ik het een beetje kribbig zei. Tijd om te reageren had hij niet. De Olsens kwam terug met heel hun handel, en David kwam in de verte ook alweer aanlopen met vier flessen tussen zijn vingers. Ik grijnsde toen hij ze op tafel zette.
‘Wat ben jij van plan?’
‘Het is maar één keer vakantie per jaar, Alex. Geniet er van.’
Olav grijnsde in mijn ooghoek. Ik glimlachte maar. De twee barbecues werden naast elkaar gezet, Olav ging met Olsen fikkie stoken. “Schoonvader en schoonzoon,” kon ik niet nalaten om te denken. David en Marit zorgden voor de salade wat mij een beetje overbodig maakte voor mijn gevoel.
‘Jij kunt de aardappeltjes wel doen hoor, pap.’
Dat haalde me uit mijn gedachten. Olav keek me met een spottende blik aan. Hij had gelijk, ik was even helemaal van slag. Ik herstelde mezelf en zocht het gaspitje. Dat was voor Krista blijkbaar ook een teken om niet hulpeloos te blijven toekijken. Ze dekte de tafel, vroeg aan mij waar onze borden lagen. Ik wees ze naar de bus, onder de achterbank. David zag het gebeuren en liep naar zijn tent voor zijn bord en zijn bestek. Een half uur later zaten we te eten. Olav en Olsen hadden een verbond, zij zorgden ervoor dat de aanvoer van de barbecue niet stil kwam te liggen. Het was gezellig, ik kon niet anders zeggen. De Olsens leerden David wat beter kennen, zeker nadat ze hem gezegd hadden dat ze het zo leuk vonden dat hij met een rugzak en zo weinig middelen op vakantie was. David hield een klein betoog over het ware kampeergevoel en gaf tussendoor een veelbetekenende blik mijn kant op. De Olsens hadden niets in de gaten, maar Olav had die blik opgevangen en ik zag hem nadenken. Hij keek naar me, het enige wat ik kon doen was hem een knipoog geven. Ook hij had de ruzie gezien op de parkeerplaats. Ik vroeg me af wat hij daar voor conclusie aan had verbonden. Meteen ging zijn aandacht weer naar Krista, die naast hem zat. Mooi zo. Marit bleef vragen stellen. Of David getrouwd was geweest, of hij kinderen had. Hij ontkende alles. Met weer een schuine blik naar mij die godzijdank niet werd opgemerkt, niet door de Olsens, niet door Olav. Die zat sterke verhalen te vertellen aan Krista, die ze bijna opzoog. Als ik water tussen die twee had gesprayd waren de vonken er vanaf gesprongen. Je zag de elektriciteit bijna knetteren. David zag het ook, hij knipoogde naar mij met een korte knik naar Olav. Ik grijnsde. Hadden pa en ma Olsen nou helemaal niets in de gaten? Ze lieten in ieder geval niets merken. David schonk nog eens wijn in voor iedereen. Krista wilde nog wat fris, Olav nog een biertje. Ik hield hem in de gaten, maar dat was eigenlijk nergens voor nodig. Die dronk meer dan ik wist blijkbaar. Hij kon het goed hebben. Tenminste, zoals het er naar uit zag. Dat zette me weer aan het denken, hij was weer ouder geworden zonder dat ik er bij geweest was. Mijn ex zou het waarschijnlijk wel weten, die zag hem iedere dag. Zag hem thuiskomen na een avond stappen met zijn vrienden. Zag hem wel eens met zijn vrienden achter in de tuin zitten met een pilsje. Maakte hem veel vaker mee dan ik. Damn, ik werd weer melancholiek na twee glazen wijn. David schonk mijn glas vol. Kom maar op, het kon me allemaal niet meer verrekken. Dit ging een leuke avond worden, alles wat ook maar een beetje negatief was moest weggedronken worden. David zag het aan mijn blik.
‘Gaat het?’ vroeg hij zachtjes en voorzichtig toen zijn gezicht vlak bij die van mij was voordat hij weer ging zitten.
‘Jawel,’ antwoordde ik geruststellend en twijfelend tegelijk.
Meteen keek ik naar Olav, maar die had niets in de gaten. Gelukkig maar. Mijn zoon. Ik keek hoe hij ontspannen met Krista zat te praten, vol zelfvertrouwen door een paar biertjes. Ik was trots, mijn jongen, mijn Olav. Mijn zoon, mijn gevoel voor humor. Als ik alleen had gezeten was ik gaan janken, zeker weten. Maar dat was niet zo, dus hield ik me in. Ik richtte me weer op Olsen, die vertelde waar ze vandaag geweest waren. We moesten maar eens met zijn allen de bergen intrekken, ergens gaan eten met de hele groep. Dat trok de aandacht van Olav wel. Ik knikte; dat moesten we zeker een keer gaan doen. Olav glimlachte.

Langzaam doofde de barbecue. Het eten was op, iedereen had genoeg. Ik zette de thermoskan op tafel, zette water op het gaspitje. Marit bood aan om voor de koffie te zorgen, ik protesteerde. Ze zaten bij mijn bus, dus ik was de gastheer. Olsen glimlachte, liet me doen. Hij verraste me door te zeggen dat de kinderen wel voor de afwas konen zorgen. Olav verraste me door het meteen goed te vinden. Alles werd bij elkaar in een boodschappenkratje gezet en Olav liep met Krista naar het sanitairgebouwtje om alles af te wassen. Nagekeken door mij. En David. Eindelijk, koffie. Ik had het even nodig na al dat bier en wijn. Loom zat ik onderuit in mijn stoel, genoot van de avond. David praatte over zijn werk, informeerde bij Olsen naar dat van hem. Gekeuvel, zoals het hoort na veel eten en een mok koffie. Hij stond op, moest naar het toilet. Olsen en ik praatten verder, over mijn werk, over Olav en de reden waarom ik alleen met hem op vakantie was. Hij was ruimdenkend, snapte de situatie. Zo waren de tijden nou eenmaal. Hij vertelde dat hij het mooi vond om te zien hoe ik met mijn zoon omging. Dat maakte me trots. Die wijn. Veel te melancholiek. Veel te emotioneel. Opnieuw die trots op mijn zoon. Mijn Olav. Mijn jongen. Olsen zag het. Legde de vinger op de zere plek. Hij trok de conclusie dat deze twee weken speciaal waren voor Olav en mij. Ik knikte alleen maar. Dit waren onze weken, daar had hij helemaal gelijk in. David kwam terug, met een brede grijns op zijn gezicht. Ik keek hem verbaasd aan maar hij hield zich stil in het begin, ging weer zitten en nam zijn laatste slok koffie die hij nog in zijn mok had zitten. Ik keek hem vragend aan, smekend bijna. Er was iets, en ik wilde het weten. Olsen zei iets tegen zijn vrouw, ze overlegden. David keek me nog een keer grijnzend aan.
‘Wat is er?’ vroeg ik in het Nederlands.
Hij grinnikte. ‘Je zoon staat te zoenen,’ zei hij op een manier dat de Olsens het niet zouden begrijpen.
Ik glimlachte. Nee, ik glunderde. Trots.
‘Afwas kan nog even duren dan,’ zei ik zo nonchalant mogelijk.
David lachte. ‘Die is al klaar, voor zover ik heb kunnen zien. Maar geen idee wanneer ze terug komen.’
‘Ik moet eigenlijk ook even, maar dat zal ik nu maar even niet doen.’
‘Zelf weten. Mij hadden ze ook niet in de gaten.’
We lachten, zonder erg te hebben in de Olsens. Die hadden ook niets in de gaten. Het gesprek ging verder, zonder veelbetekenende blikken. Ik zag Olav met Krista terug komen. Olav droeg de krat met afwas, Krista had de fles afwasmiddel en de droogdoek bij zich. Met een zucht zette Olav de krat op tafel.
‘Verdeel alles maar meteen,’ zei ik.
Olav zocht onze dingen er tussenuit, daarna liep hij met Krista mee om alles van de Olsens bij hun in de tent te zetten. Dat duurde even, maar ze kwam snel genoeg terug. Ik hield ze in de gaten, hun gezichten spraken boekdelen. David zag het ook en grijnsde naar me. De koffie werd ingeruild voor een fles van David. Olav schakelde over op iets fris, net zoals Krista. Groot gelijk jongen, bij je positieven blijven. Dat kon ik niet van mezelf zeggen. De alcohol begon zijn werk te doen. Langzaam werd ik loom, rozig. Ik genoot er van. Kaarsjes werden aangestoken, nootjes kwamen op tafel. Het werd laat. Marit begon opmerkingen te maken dat het bedtijd werd voor Krista. Olsen vergoelijkte dat, het was tenslotte vakantie. Krista keek hem dankbaar aan, ze had duidelijk nog geen zin om een einde te maken aan deze avond. Ze was aan de winnende hand met het spelletje wat ze met Olav speelde. Niet alleen met de gekleurde stenen, maar ook met Olav zelf. Tegen twaalf uur vond Marit het toch genoeg. Krista stond op om haar tanden te gaan poetsen. Even een schuine blik van Olav.
‘Moet jij ook niet zo gaan slapen,’ zei ik.
Olav keek me dankbaar aan. Goede smoes om tegelijk tanden te gaan poetsen. Samen met Krista liep hij naar het waslokaal. Nieuwe grijns van David. Het tandenpoetsen nam nogal wat tijd in beslag. Ik zag Marit naar haar man kijken. Ik hoopte maar dat ze snel terug zouden komen. Aan de blik van Marit zag ik dat ze alweer terug kwamen. Even keek ik, ik zag ze achter de tent van de Olsens verdwijnen, ik kon me wel voorstellen wat daar nu gebeurde. Niet veel later kwam Olav weer tevoorschijn en liep naar ons toe. Hij plofte in zijn stoel. Die had duidelijk nog geen slaap en zin om naar bed te gaan. De Olsens leegden hun glas en bedankten me voor de gezellige avond. We namen afscheid, ik bedankte ze terug en een paar tellen later liepen ze weg met hun tafel en stoelen. David, Olav en ik bleven achter. Stilte. Ieder met zijn gedachten, zoekend naar een nieuwe openingszin.
‘Ik lust nog een biertje,’ zei Olav.
‘Je heb net je bek geschrobd,’ plaagde ik.
‘Nou en?’
Ik grijnsde, David grinnikte. Olav keek me aan.
‘Ja wat?’ zei ik verdedigend. ‘Je denkt toch niet dat ik het voor je uit de koelbox ga halen, of wel?’
David lachte, Olav stond op met een grijns en dook de bus in.
‘Het is vakantie, jongen,’ legde ik overbodig uit.
David schonk mijn wijn nog een keer bij.
‘Ik ga uitslapen morgen, dat wil je niet weten,’ zuchtte ik.
‘Watje,’ spotte Olav toen hij weer ging zitten.
‘Zeg, snotneus, dat jij tussendoor aan de frisdrank gaat…’
Olav lachte.
‘Wat gaan we morgen doen?’ vroeg hij ineens na een korte stilte.
‘Geen idee jongen,’ zei ik.
‘Morgen wordt lekker weer,’ zei Olav, ‘Krista blijft morgen op de camping.’
Hij gaf ongemerkt antwoord op de vraag die in mijn hoofd speelde. ‘Kunnen we ook wel doen,’ zei ik om hem gerust te stellen.
Wie was ik tenslotte om zijn prille liefdesgeluk te verstoren?
‘En jij?’ vroeg Olav met een blik naar David.
‘Geen idee,’ zei David na een slok van zijn wijn. ‘In ieder geval ga ik morgen betalen voor een dagje parasailing overmorgen.’
Olav’s ogen werden groter. ‘Ga je dat echt doen?’
David knikte grijnzend. ‘Ik heb vandaag gekeken wat het kost, overmorgen gaan ze weer naar boven. Er is nog plaats.’
Ik keek hem lachend aan.
‘Ik moest er even over nadenken, maar ik heb besloten het toch te gaan doen.’
Olav wiebelde op zijn stoel. Keek jaloers. Ik liet het maar even zo. Olav stond op en ging naar het toilet.
‘Niks voor jou?’ vroeg David.
‘Vergeet het. Echt niet.’
‘Zag ik Olav nou net kijken?’
Ik lachte. ‘Die zou wel willen.’
We keken even naar elkaar. Ik kon zijn gedachten lezen.
‘Mag ie mee?’
‘Als jij de foto’s maakt.’
Ik grinnikte. ‘Afgesproken.’
Olav kwam weer terug, keek naar de tent van de Olsens toen hij er voorbij kwam.
‘Zou je mee willen overmorgen?’ vroeg ik zo gewoon mogelijk.
Zijn mond viel open, zijn blik schoot een paar keer tussen David en mij heen en weer.
‘Van mij mag je mee,’ zei David droog.
‘Zin?’ vroeg ik overbodig.
Hij knikte glunderend.
‘Mooi,’ zei ik, ‘gaan we morgen regelen. Zolang ik maar niet mee hoef.’

We sloten de avond. We zetten onze stoelen onder de luifel, Olav dook zijn bed in, ik ging mijn tanden poetsen. David liep met me mee. Twee wastafels naast elkaar, blikken heen en weer via de spiegel zonder dat we iets konden zeggen. David glimlachte met een tandenborstel er tussen.
‘Wordt leuk overmorgen,’ zei hij nadat hij zijn mond gespoeld had.
‘Vast wel,’ zei ik. ‘Hij is wel in voor dat soort dingen.’
We lachten.
‘Ik ga het morgen boeken, maar je zult wel even mee moeten gaan denk ik, om het te regelen.’
‘Komt goed,’ zei ik. ‘Olav vermaakt zich hier wel.’
David grijnsde. ‘Daar hoeven we ons geen zorgen over te maken.’
Ik lachte.
‘Mooi om te zien, hoe liefde zich ontwikkelt.’
‘Zeker,’ zei ik maar.
Naast elkaar liepen we terug. Bij zijn tent voelde ik zijn hand op mijn schouder.
‘Bedankt voor de avond,’ zei hij. ‘Het was gezellig.’
‘Graag gedaan,’ antwoordde ik met een droge mond. ‘Vonden wij ook.’
We glimlachten naar elkaar, daarna liep ik door naar onze bus. Ik had hem een kus moeten geven, op zijn wang, gewoon als afsluiting van de avond. Ik durfde het niet. Ik kon het niet.

Ik kleedde me om in de bus, onder toeziend oog van Olav. Zag hij de kleine opwinding in mijn kruis? Het kon me niet schelen. Ik had gedronken, morgen ging ik uitslapen. Ik kroop mijn slaapzak in, wenste mijn zoon welterusten. Olav kroop weer tegen me aan, gaf me een kus op mijn wang die ik op zijn voorhoofd beantwoordde. Hij sloeg zijn arm om me heen en viel meteen in slaap. Toch teveel gedronken. Ik bleef nog even wakker. Olav kroop dichter tegen me aan in zijn slaap.

We werden laat wakker. Dat verbaasde me niets. Olav lag nog steeds dicht tegen me aan, had zich door de nachtelijke kou dicht tegen me aan gewurmd. Ik voelde aan mijn hoofd dat ik iets teveel wijn op had de avond ervoor. Mijn hand gleed over zijn rug omhoog, Olav reageerde door zijn hoofd iets meer in mijn nek te duwen. Ik glimlachte. Als hij maar beschermd werd. Olav kreunde een keer, deed daarna zijn ogen traag open. We keken elkaar aan en glimlachten flauw.
‘Aan mijn hoofd te voelen heb ik gedronken,’ mompelde ik.
Olav probeerde te lachen. Ik ging zitten, zocht mijn broek. Ik trok hem half zittend aan en worstelde mijn voeten door de pijpen. Olav gooide zijn slaapzak open en rekte zich nog een keer uit. Ik keek maar even niet. Hij ging zitten, pakte zijn broek en liep met me mee naar de toiletten. De Olsens zaten al buiten, we groetten, Krista en Olav keken naar elkaar met een aparte blik. Ik haalde maar meteen broodjes, slenterde op mijn gemak terug naar de bus. Olav was er al weer, had de tafel neergezet met onze stoelen. Het water stond al op het vuur. Mooi begin van de dag.

David maakte het wat later. Met een slaperige grijns kwam hij rond een uur of elf zijn tentje uit. Hij slofte op zijn gemak naar het toiletgebouw nadat hij zijn hand had opgestoken naar ons en naar de Olsens. Een tijdje later kwam hij terug met een zak broodjes.
‘De laatste,’ lachte hij.
‘Koffie er bij?’ voeg ik.
Hij knikte goedkeurend en kwam naar ons toe.
‘Pak je stoel,’ zei ik, ‘en ga zitten.’
Olav zat nog wakker te worden. Traag stond hij op, pakte zijn handdoek en nog wat spullen en keek mij aan.
‘Mag ik een mesje lenen?’
‘Tuurlijk. In mijn toilettas. Bus scheerschuim zit er ook in.’
Ik keek hem grijnzend na toen hij weg liep.
‘Mooi maken voor het meisje?’ hoorde ik David zeggen.
Ik lachte. ‘Wat dacht je dan?’
David glimlachte.
‘Moet ie mee vanmiddag, om dat parasailing te regelen?’
‘Volgens mij niet. Ze willen een aanbetaling, om er zeker van te zijn dat je komt opdagen.’
‘Hoe laat ga je?’
‘Morgen? Rond twaalf uur moet ik in het centrum zijn.’
‘Vandaag bedoel ik.’
‘Ze zijn dicht tussen twaalf en drie, dus dat zal wel na drie uur worden.’
Ik lachte. ‘Twaalf uur haal je niet meer.’

Het werd een rustige middag. Olsen en zijn vrouw zaten onderuit te lezen bij hun tent, net als ik voor mijn bus en David bij zijn tentje. Olav en Krista… Waar waren Olav en Krista eigenlijk? Ging ik me daar druk over maken of niet? Ik zette mijn rugleuning wat verder achterover en sloot mijn ogen. Zoonlief deed maar. David haalde me uit mijn gedachten, een half uurtje later.
‘Ga je mee het dorp in?’
Ik deed mijn ogen open en knikte. ‘Met de bus of te voet?’
‘We hebben de tijd, en het is lekker weer.’
Ik stond op. ‘Kom op dan. Ik leg wel een briefje voor Olav neer.’

Niet veel later liepen we naar beneden. Er liep een wandelpad, wat een stuk leuker lopen was dan langs de zijkant van de weg.
‘Misschien komen we je zoon nog tegen.’
‘Geen idee. Zou zo maar kunnen.’
‘Hoe lang ben je al gescheiden, als ik vragen mag?’
‘Vier jaar,’ antwoordde ik kort.
‘Olav was toen, wat? Twaalf?’
Ik knikte.
‘En zijn zusje?’
‘Die was toen negen.’
‘Zware wissel voor die twee.’
Ik haalde mijn schouders op. ‘Voor de jongste vooral. Die snapte er helemaal niks van. Olav liet nooit zo merken wat hij vond. Hij had allang gemerkt dat we langs elkaar leefden. Maar leuk vonden ze het niet, nee.’
‘Kan ik me voorstellen. Goed contact met hun moeder?’
‘Beter dan daarvoor zelfs,’ lachte ik schamper.
‘Begreep ik nou dat zij iemand nieuws had?’
‘Klopt. Geschikte vent wel. Alleen die twee zonen van hem zijn kutjong.’
David lachte.
‘Vraag maar aan Olav.’
‘Zal ik eens doen.’
Ik keek naar hem. ‘Je laat het.’
Hij lachte nog harder. ‘Wat dacht je dan?’
‘Goed, hij vindt hun vader ook niks.’
‘Echte puber. Jij niks nieuws?’
‘Niet echt. Ik heb wat rondgescharreld, meer niet.’
‘Rondgescharreld?’ David lachte.
‘Nou ja, één vaste relatie, maar die is ook weer over.’
‘Hoe kwam het?’
‘Door van alles,’ ontweek ik.
David ving het signaal op en vroeg niet verder. Zwijgend liepen we door, ieder met zijn eigen gedachten waarschijnlijk. David liep voorop over de smalle trottoirtjes en stopte bij een sportwinkel. Samen liepen we naar binnen en regelden wat we moesten regelen. Om twaalf uur de volgende dag was er een instructie, daarna zouden we naar boven gaan. Ik kon mee, en met de stoeltjeslift weer terug naar beneden. Dat leek me wel een goed plan. Sowieso met de lift naar beneden uiteraard, maar vooral om mee naar boven te gaan. Olav vond dat waarschijnlijk ook wel. Maar ik vond dat ik David niet moest lastig vallen met zijn zoon. Ik kende Olav. Grote bek, maar hij ging bloednerveus worden.

David nodigde me uit om wat te gaan drinken. Nooit verkeerd. We zochten een tafeltje op een terras en genoten van de zon en het glas wijn. Langzaam draaide het gesprek weer naar onze relaties in het verleden. Hij had het over vroeger, zijn middelbare schooltijd, zijn studietijd met verschillende contacten en de Fransman. Ik kon alleen maar vertellen over de moeder van Olav, en wat onbenullige dingen van mijn middelbare school.
‘Dat jij je al zo snel hebt kunnen binden,’ zei David met een beetje verbazing.
Ik glimlachte. ‘Dat doe je ook niet bewust. Zoiets loopt gewoon zo.’
‘Heb je gelijk in.’
‘Als jij toen al de ware was tegen gekomen, had je die dan laten schieten?’
‘Vast niet.’
‘Dat bedoel ik. Alleen weet je zoiets nooit van tevoren.’
‘Nee,’ rekte hij zich uit met een zucht.
‘Dat kwam er dubbelzinnig uit,’ lachte ik.
Hij grijnsde.
‘Hoe heb je hem eigenlijk leren kennen?’
‘Wie? Jean Michel? Begin december vorig jaar, lang weekend Parijs. Ik kwam hem tegen in de kroeg.’
‘Liefde op het eerste gezicht?’
Hij haalde zijn schouders op. ‘Een beetje.’ Hij glimlachte.
‘Wat lach je?’
‘Een combinatie van een vakantieliefde en elkaar leren kennen in de kroeg. Normaal gesproken is een van de twee al genoeg om een relatie slecht te laten lopen, dus gezien de combinatie is het nog een wonder dat we het een half jaar hebben uitgehouden.’
‘Er zijn genoeg mensen die dat tegen zullen spreken.’
‘Het zijn ook cliché’s, ik weet het.’
Hij liet twee nieuwe glazen komen nadat hij me vragend aan had gekeken met een leeg glas in zijn hand en ik goedkeurend had geknikt.

Op ons gemak liepen we terug. Ik dacht nog na over zijn opmerking over vakantieliefdes die gedoemd waren te mislukken. Ik had er geen ervaring mee. Maar waarom dacht ik er dan zo over na? Ik wou dat Olav dat vergelijk met Stef niet had gemaakt. Ik bekeek David nu toch anders. Ik schudde een keer met mijn hoofd. Eruit met die gedachte. Niet nu. Niet hier.

Terug op de camping was alles nog hetzelfde. De Olsens zaten nog te lezen, Olav en Krista waren nergens te zien. Ik bood David nog wat te drinken aan. Ik had geen zin om te koken vanavond, en zei dat ook hardop. David lachte.
‘Bij het winkeltje hier vooraan kun je pizza’s bestellen heb ik gezien.’
‘Je hebt nog maar gelijk,’ zei David.
‘Ik heb vakantie tenslotte.’
‘Zo is het.’
‘Moet je die nou ruim vooraf bestellen?’
‘Volgens mij wel.’
‘Als ik nou wist wanneer Olav terug kwam.’
David haalde zijn schouders op. ‘Om zeven uur gaan ze dicht. Dan zal hij toch wel terug zijn?’
In de verte zag ik ze aan komen lopen. Liet hij nou nog net haar hand los? Ik wenkte ze.
‘Morgen ga je de lucht in,’ zei ik toen ze bij de tafel stonden.
‘Gaaf!’
Krista glimlachte, volgens mij had hij haar al het een en ander verteld.
‘Morgen om twaalf uur moeten we in het dorp zijn.’
‘Ga je mee?’
‘Wat dacht je dan. Om te kijken hè?’
Olav grijnsde.
‘Ik ga zo trouwens pizza’s bestellen.’
‘Lekker.’
‘Ik weet alleen niet wat ze hebben. Wat voor iets wil je?’
Hij haalde zijn schouders op. Meteen daarna trok hij de schuifdeur open en zocht in de stapel folders. Hij kwam terug met een kopie.
‘Nummer 6. Die met ham en salami,’ zei hij even later terwijl hij me het briefje gaf.
Ik trok mijn wenkbrauwen omhoog.
‘Had je die nog niet gezien?’
‘Nee,’ zei ik terwijl ik het lijstje bekeek.
David lachte.
Olav keek hem grijnzend aan. ‘Als ik er niet bij was, dan was hij allang verhongerd.’
Ik boog voorover en gaf hem een klap tegen zijn been, ik kon er nog net bij. David lachte, Olav nog harder. Krista glimlachte. Beetje verlegen.
‘Goeie keus,’ zei ik. ‘Ik zal ze zo eens gaan bestellen.’
David griste het papiertje van de tafel. ‘Ik loop zo even mee.’
‘Waar ben je allemaal geweest vandaag?’ vroeg ik aan Olav.
‘We hebben getafeltennist, we hebben net een eind door de bossen gelopen.’
‘Leuk,’ zei ik zo gewoon mogelijk.
David’s gezicht bleef gericht op het briefje, maar zijn ogen schoten in de hoek naar mij toe. Ik zag hem glimlachen. Olav en Krista gingen weer.
‘Ben je op tijd terug?’
‘Ja,’ klonk het verveeld.
Ik keek ze lachend na. David legde het briefje op tafel.
‘Handig, zo’n briefje bij de hand.’ Het klonk spottend.
‘Begin jij nou ook al?’
Hij lachte.
‘Jij hebt hetzelfde stapeltje meegekregen toen je hier aan kwam hoor.’
Daar had hij geen antwoord op. Grijnzend keken we elkaar aan.

We bestelden onze pizza’s, rekenden af en liepen weer terug. David liep meteen terug, ik ging een toilet opzoeken. Met een omweg liep ik terug. Bij de tafeltennistafel zaten ze op een bankje. Ze lachten, gooiden een balletje heen en weer terwijl ze bijna bij elkaar op schoot zaten. Olav boog naar haar toe en gaf haar een kus. Die beantwoordde ze. Flink. Zijn andere arm sloeg nu ook om haar heen, zijn schoen wreef over die van haar. Zij pakte zijn hoofd, graaide door zijn haar alsof ze hem nog dichter tegen zich aan wilde duwen. Niet langer blijven kijken nu, doorlopen. Aan het eind van het pad draaide ik me toch nog een keer om. Ze hadden me niet in de gaten. Haar hand lag wel erg hoog op zijn been. Olav vond het niet erg, zag ik wel. Maar ik zag iets aan zijn houding. Hij was nerveus. Met een glimlach liep ik door. Kwam wel goed.

Tegen zeven uur ging David en ik de pizza’s ophalen. Olav was net terug, Krista zat bij haar ouders.
‘Krista wil mee gaan kijken morgen,’ begon Olav voorzichtig toen we zaten te eten.
‘Leuk,’ zei ik. ‘Als haar ouders het goed vinden mag ze van mij wel mee hoor.’
Hij probeerde niet te glunderen.
‘Nou,’ zei David tegen hem met een knipoog, ‘Genoeg animo om ons de diepte in te zien storten.’
Olav grijnsde. Met zijn mond. Zijn ogen zeiden wat anders.

We gingen met zijn allen. Pa en ma Olsen gingen ook mee. Dat wilden ze wel eens zien. Olav en David kregen eerst nog een half uur uitleg, wat ze wel en vooral ook wat ze niet moesten doen. Wij stonden aan de kant, te kijken. Olav zijn blik zocht regelmatig de mijne. Ik wist het, hij was nerveus. Niet gek, ik zou het ook zijn. Maar ik was dan ook niet zo stom om het ook te gaan doen. Af en toe maakte ik een foto, vooral toen ze de houdingen aan het oefenen waren, met degene waar ze de sprong mee zouden gaan maken. Krista bekeek het allemaal bewonderend. Haar held. Haar held ging wel naast mij zitten in de stoeltjeslift. Achter ons hing een flinke zak, waar alles in zat. Hij zei niet veel, staarde een beetje voor zich uit. Ook ik was nerveus, wist ook niet wat ik moest zeggen. Af en toe keken we elkaar aan, glimlachten. Toen ik zijn gezicht zag vroeg ik me serieus af wie nou zenuwachtiger was; hij of ik. Veel te snel naar mijn gevoel waren we boven. We sprongen uit de stoel, tilden samen de zware zak eraf. Met de instructeurs liepen we verder naar de afsprongplaats. Er waren vier mensen die zouden springen. Eentje alleen, die had al ervaring, de andere drie met een instructeur in een duo-sprong. Er waren al meer mensen op de berg. David en Olav hielpen mee met de zeilen, Olsen stond naast mij te kijken. Hij zag aan mijn gezicht dat ik er een beetje moeite mee had dat mijn zoon binnen korte tijd de lucht in zou gaan. Hoe zou mijn ex reageren als ze wist dat ik haar zoon in handen gaf van een Franse instructeur die we niet kenden? Ze ging het tegen me zeggen als ze de foto’s te zien kreeg, dat wist ik zeker. Ze was nog voorzichtiger dan ik. Ze zou gaan reageren zoals ik nu zelf dacht. “Hoe heb je dat kunnen doen? Maar wat ontzettend gaaf.” Ik glimlachte. Gaaf was het. Maar ik was pas gelukkig als ik wist dat ie weer gewoon op de grond stond. Eén van de instructeurs kwam naar me toe. Hij gaf een ander van de organisatie een hand. Die ging met een rukzak naar beneden.
‘He makes pictures,’ zei hij me in gebrekkig Engels.
‘Good,’ antwoordde ik.
‘Tomorrow, in sportshop you can watch and buy DVD with pictures.’
Ik knikte en beloofde dat zeker te gaan doen. Tegen een belachelijk hoge prijs waarschijnlijk, maar dat was geen reden om het niet te doen. Ik kreeg nog een hand, daarna ging hij terug naar Olav. Harnassen werden aangetrokken, het werd bijna tijd om te gaan. Mijn camera knipte door. Olav keek even naar Krista en glimlachte flauw. Zij keek benauwd. Ik liep nog even naar hem toe.
‘Doe je best,’ zei ik.
‘Tuurlijk pap.’ Dat klonk zekerder dan hij zich voelde.
Ik glimlachte een keer. Ineens pakte hij me vast en hield me even stevig tegen zich aan. En ik hem. Mijn zoon. Hij zuchtte. Ik slikte een keer. David bekeek het van een afstandje. Hij glimlachte flauw. Olav liet me los.
‘Ik zie je beneden,’ zei ik.
Hij sloeg me even tegen mijn arm als een oude kameraad zou doen. Daardoor lachte ik. David keek nog steeds.
‘Wat?’ Ik lachte. ‘Ook nerveus?’
‘Heb je al eens over de rand gekeken?’
‘Ik kijk wel uit. Olav vermoordt me als ik alsnog zeg dat ie niet mag.’
David grijnsde.
‘Geniet er van,’ zei ik.
‘Ga ik proberen,’ klonk het spottend.
We keken elkaar aan en het ging als vanzelf. We pakten elkaar vast, knepen even onze armen strak.
‘Kom heel beneden,’ zei ik zacht.
‘Doe ik.’ Geen grappen, hij klonk bloedserieus.
Hij moest terug. Hij was de volgende. Olav zou daarna gaan. Hij werd aan zijn buddy gekoppeld, de parachute lag achter hun op het gras. Ik maakte weer foto’s. Samen renden ze naar de rand, de instructeur had de touwen vast. De wind sloeg in het zeil en alsof het niets was renden ze over de rand.
‘Olavve, you next. Come on.’
Olav’s blik zocht die van mij. Ik knipoogde bemoedigend. Hij glimlachte. Even schoot zijn blik naar Krista die glimlachte.
Olav stond voor zijn instructeur, de touwen strak. Spanning stond op zijn gezicht. Klik. Nog een foto. Ze liepen eerst wat langzaam naar voren, de instructeur keek even achterom om te zien of alles goed lag.
‘Un, deux, trois, GO!’
Olav begon te lopen, geen tijd om naar mij te kijken.
‘Fast, fast, go go!’
Olav gehoorzaamde. Ineens kwamen zijn voeten van de grond, hij rende in de lucht door. Even spartelde hij nog met zijn benen, daarna namen ze hun positie in. Daar ging ie. Ik liep naar de rand en zag hem zweven. David was een eind verder. Ze namen wat bochten, zochten de opwaartse thermiek. Ik bleef nog even kijken. Olsen stond achter me. Met een grijns. Hij had nog wat foto’s gemaakt. Dat was ik inderdaad helemaal vergeten. Krista kwam naast me staan, keek Olav na. Even sloeg ik mijn arm om haar heen, zij deed het meteen terug. Ik keek haar aan en glimlachte. Ze glimlachte verlegen terug. Daarna lieten we elkaar los en keken weer naar beneden. Hij kwam weer omhoog. Tot op ons oogniveau zelfs. En nog redelijk dichtbij ook. Ik maakte weer een foto. Daarna was hij weer weg. Bijna uit zicht zelfs. Krista en ik glimlachten weer naar elkaar.

Daar ging hij. Onze held.

© 2008 Oliver Kjelsson