Op gevoel (deel 7)

Print Friendly, PDF & Email

Het werd weer drukker in de keuken.
‘Maar,’ zei ik tegen mijn zus, ‘dat is dus de uitdaging. Geen idee hoe pa en ma gaan reageren.’
‘Ze zijn ruimdenkend, Teun, kom op.’
Ik keek haar over de rand van mijn mok aan. ‘En toch voelt het alsof ik weer uit de kast moet komen.’
Ze grijnsde, net als ik. ‘Ik snap je wel. Maar je moet er niet zo over piekeren.’
‘We zullen het zien. Zal ook wel goedkomen. Wil zal ook wel raar opkijken denk ik.’
‘We hebben een modern broertje, Teun. We hebben hem goed opgevoed. Heb je trouwens zijn nieuwe kamer al gezien?’
Ik knikte, ze lachte.
‘Mijn god, ik wist niet wat ik zag.’
‘Is het al helemaal klaar?’ vroeg ik. ‘Laatste keer dat ik het zag was hij nog in de schuur met de kast bezig.’
‘Het is klaar. Hij heeft zijn oude kamer al leeggeruimd.’
‘Mooi.’
‘Jouw oude bed staat er nu.’
‘Ik ben gewoon verbannen uit mijn kamer, het is duidelijk,’ lachte ik.
‘Mama moet nog een beetje wennen aan zijn inrichting, papa kan er alleen maar om lachen.’
‘Hij heeft het mooi gedaan.’
‘Gevoel voor design. Wat dat betreft is hij meer homo dan jij.’
Mijn wenkbrauwen gingen verder omhoog. ‘Wat bedoel je daar mee?’
‘Gewoon wat ik zeg. Jij hebt geen smaak. Ja, standaardsmaak, hij heeft veel meer lef wat dat betreft.’
‘Ow, op die manier.’
‘Wat dacht je dan?’
‘Ik dacht even dat je meer wist over ons broertje dan ik.’
‘Ah, zo.’ Ze lachte hard. ‘Nee, zo bedoelde ik het niet.’ Ze keek me strak aan. ‘Zou je denken? William homo?’
‘Je wist het van mij ook niet, had je toen ook nooit gedacht.’
‘Da’s waar.’
Ik grijnsde. ‘Dus het zou kunnen…’
We keken elkaar aan en schudden tegelijk lachend ons hoofd. ‘Nee…!’

Toch bekeek ik hem even anders toen ik bij mijn ouders was. William was de standaard middelbare scholier. Nou ja, zo gemiddeld was hij nou ook weer niet. Trendy was misschien wel een goed woord voor hem. Hij was duidelijk in zijn kledingkeuze, zijn eigen stijl. Alternatief, maar zo alternatief dat het vast zat aan vele kledingregels. Mijn moeder werd er gek van. Goed, hij kocht tegenwoordig zijn eigen kleding, maar een jaartje of wat terug dreef hij haar regelmatig tot wanhoop in een kledingwinkel. Mijn vader genoot daarvan. “Ontwikkel je eigen keuze en ga ervoor.” Dat was ook een van de eerste dingen die hij zei toen ik schoorvoetend thuis ging bekennen dat ik jongens leuker vond dan meisjes. Ik was zenuwachting, bang bijna toen ik het ze ging vertellen, maar eigenlijk had ik hun reactie wel kunnen voorspellen. Mijn moeder begripvol, beetje bezorgd misschien over wat ik allemaal tegen zou komen in het leven, en mijn vader strijdbaar. Rug recht, trots zijn. Dat was ik ook wel, zeker nu ik mijn eigen huisje had, mijn eigen leven. Goed voor elkaar. Dat waren zijn woorden trouwens. Ik wist stiekem ook wel dat ze Elijah zouden accepteren. Ik had waarschijnlijk meer tijd nodig om het William uit te leggen. Ik keek weer naar hem en glimlachte automatisch. Hij vond het gaaf, toen hij hoorde dat zijn broer homo was. Dat was niet standaard huisje-boompje-beestje, dus cool. Al zijn vrienden wisten dat dus ook van mij. Hij keek terug, misschien wel langer dan ik in de gaten had.
‘Mijn kamer is af,’ zei hij.
‘Zien!’ lachte ik.
Hij sprong meteen op, enthousiast. Mijn vader glunderde.

‘Mooi geworden man,’ zei ik nadat ik goed rondgekeken had.
Ik sloeg een arm om zijn schouders.
‘Ik ben er ook wel tevreden mee.’
‘Tevreden? Het is echt mooi geworden, Wil. Ik wou dat ik de ballen had om zoiets te doen.’
‘Jouw huis is toch ook gaaf?’
‘Ja, maar iets meer standaard,’ grinnikte ik.
‘Maar ik ben vijftien, dat is anders.’
Ik lachte. ‘Alsof jij later wel normaal standaard gaat doen.’
William glimlachte, stroopte de mouwen van zijn trui op. Ik zag iets om zijn pols.
‘Is dat verantwoord, een roze armbandje?’
‘Wat? O.’ Hij stroopte meteen zijn mouw weer naar beneden.
‘Nou?’ plaagde ik.
‘Jawel.’
Hij bloosde wat, ik wist dat ik beet had.
‘Van wie heb je die gekregen?’
‘Iemand,’ ontweek hij.
‘Een roze armbandje. Dat kan twee dingen betekenen. Of het is duidelijk van een homo, of van een meisje.’
Hij keek me aan en lachte. ‘Ja, duh…’
Ik pakte zijn arm, stroopte de mouw op.
‘Kunstig geknoopt. Ik denk een meisje.’
Hij grijnsde. ‘Misschien…’
‘O ja, ga er geheimzinnig over doen zeg! Vertel op.’
‘Nee.’
‘Dan vertel ik jou ook niks.’
‘Wat?’ vroeg hij nieuwsgierig.
‘Nee, niks,’ zei ik zo onschuldig mogelijk.
‘Teun. Wat?’
‘Niks. Ik heb geen armbandje.’
Oké, noem me een zacht eitje, maar stiekem had ik die best eentje willen hebben van hem. Gewoon iets tastbaars van Elijah bij me.
‘Man, wat ben jij erg.’
‘Ik? Jij wil niets vertellen.’
‘Alsof jij wel iets hebt. Je zegt dat alleen maar om mij uit de tent te lokken.’
‘Misschien…’
Hij zuchtte protesterend, wurmde zich onder mijn arm uit.
‘Hij heet Elijah,’ zei ik. ‘Pa en ma weten van niets, dus je houdt je mond.’
Hij was al op weg naar de deur, maar hij draaide zich meteen om, mond half open.
‘Echt?’
Ik knikte grijnzend.
‘Gaaf.’
‘Dus?’
Hij zuchtte, gaf zich gewonnen. ‘Melanie.’
‘Cool. Leuk meisje?’
‘Nee.’ Hij keek me aan alsof ik dom was. ‘Duh, natuurlijk wel.’
‘Vertel.’
‘Ze zit bij mij op school. En jij?’
‘Hij woont in het noorden, flink eindje weg. Bij toeval op internet leren kennen.’
Hij glimlachte. ‘Al lang?’
‘We kennen elkaar al een tijdje, maar het is pas sinds kort echt iets.’
‘Was je daar afgelopen weekend?’
‘Yup. Truus belde me al, waar ik was.’
‘Weet zij het ook?’
‘Ja, daar kwam ik niet onderuit,’ antwoordde ik nuchter.
William lachte, daarna keek hij serieus. ‘Je vertelt haar niets over mij hè?’
‘Tuurlijk niet, gek. Dan heb je geen leven meer.’
Hij glimlachte tevreden.
‘Kom, we gaan weer eens naar beneden, mijn koffie zal nu wel koud zijn.’
Samen liepen we de trap af, William ging meteen naar het toilet. Ik kwam alleen terug de woonkamer in.
‘Zo,’ zei mijn vader, ‘je koffie is koud. Meisje van het roze armbandje besproken?’
Ik knikte. Hij lachte en knipoogde.

‘Kleine boompjes worden groot,’ concludeerde mijn vader een uurtje later toen William weer naar zijn kamer was gegaan.
‘Mooi toch?’
Hij knikte. ‘Die komt er wel. Leuk meisje?’
‘Hij zegt van wel,’ lachte ik. ‘Ik weet nu hoe ze heet, meer weet ik ook niet.’
‘Daar hebben jullie nog lang over zitten praten.’
‘We hebben het niet alleen over hem gehad,’ begon ik twijfelend.
Ik had meteen mijn moeders aandacht, mijn vaders ogen twinkelden.
‘Liefde hangt in de lucht hier, merk ik.’
Ik lachte. ‘Kun je wel stellen.’
‘Nou, wanneer gaan we hem een keer zien?’
‘Geen idee pa, hij woont een eindje weg.’
‘Dus daar was je afgelopen weekend.’
Ik grijnsde. ‘Ja.’
‘We zien hem vanzelf een keer.’
‘Vast wel.’ Ik keek naar mijn moeder. ‘Jij gaat hem minder leuk vinden ma.’
Ze keek me verbaasd aan.
‘Hij heeft een hond.’
Mijn vader lachte. ‘Die zou ik de eerste keer thuis laten als je hier komt, wil je een goede indruk bij je moeder maken.’
‘Nou,’ zei ik, ‘zonder hond komt ie niet ver.’
‘Je bedoelt dat hij blind is?’ vroeg mijn vader voorzichtig.
Ik knikte. William kwam net op dat moment de kamer in. Ik zag hem kijken. En mijn moeder. En mijn vader. Ik zag ze alle drie naar me kijken met verschillende blikken. In dezelfde volgorde: open mond, bezorgd en geïnteresseerd.
‘Jeej, Teun…,’ zei mijn moeder.
William zei niets, dat liet hij maar even aan mijn ouders over.
‘Dus het is allemaal een beetje ingewikkelder dan gewoonlijk,’ zei ik. ‘Maar als het zover is, dan kom ik hem wel eens voorstellen.’
‘Neem de tijd, jongen,’ zei mijn vader. ‘Ook voor hem, denk ik.’

William was er nog niet klaar mee, zag ik aan hem. Hij keek de hele tijd naar mij, wilde vragen stellen die hij niet durfde terwijl mijn ouders er bij waren. Ik knipoogde naar hem. Dat kwam nog wel goed. Toen ik wegging bleef hij bij mijn moeder staan in de deuropening terwijl ik naar mijn auto liep. Ik maakte de deur open en keek over de auto heen.
‘Krijg ik nog een knuffel van mijn kleine broertje?’
Hij grijnsde, liep naar me toe. Ik pakte hem vast, hield hem tegen me aan.
‘Wat keek je net verbaasd?’ grinnikte ik vlak bij zijn oor.
‘Nou ja, ik had het niet verwacht.’
‘Ik ook niet. Ik wist het pas toen ik hem voor de eerste keer zag.’
‘Op een date? Da’s kut.’
Ik lachte.
‘Ja toch? Had hij je dat niet gewoon eerder kunnen vertellen?’
‘Misschien. Maar dan was ik misschien niet gegaan.’
‘Jij wel.’
‘Oké, maar dat wist hij toen ook nog niet.’
‘Heb je een plaid op de achterbank?’
‘Ja, voor de hond.’
‘Burgerlijk,’ concludeerde hij spottend.
‘Zelfs homo’s kunnen burgerlijk zijn.’
‘Blijkbaar.’
‘Niemand is perfect jongen.’
Hij keek me aan en glimlachte.
‘Klopt. Melanie houdt van Justin Bieber en One Direction.’
Ik schoot in de lach. Hard.
‘Sterkte,’ zei ik.
Daarna gaf ik hem een kus op zijn voorhoofd. Hij glimlachte naar me, snapte mijn grap.
‘Kom maar eens een keer langs, zonder pa en ma, als je wil.’
Nu glimlachte hij helemaal. Dankbaar bijna.

‘Je moet iedere keer naar mij komen,’ zei Elijah half protesterend toen we elkaar belden.
‘Ik doe het graag,’ grinnikte ik.
‘Dan nog. Je weet best wat ik bedoel.’
‘Hé, het maakt me echt niet uit. Echt niet.’
‘Ik wil naar jouw huis.’
‘Dan gaan we dat regelen. Kom je naar hier.’
Ik gaf me gewonnen, ik snapte het ook volkomen.
‘Fijn. Dankjewel.’
Het klonk bijna als een opluchting.
‘Moet ik je komen halen?’
‘Als je dat wil doen…’
‘Ja, dan rij ik twee keer op en neer,’ protesteerde ik lachend.
‘Het hoeft niet hoor,’ verontschuldigde hij zich meteen.
‘Hou op gek,’ lachte ik nog harder. ‘Ik kom je gewoon halen, ik neem aan dat Hester ook genoeg spullen bij zich heeft.’
Ik hoorde hem glimlachen. ‘Je bent lief, weet je dat?’
‘Ik heb van die momenten,’ grinnikte ik. ‘Hoe laat zal ik bij je zijn?’

Ik gaapte toen we bijna bij mijn huis waren. Elijah hoorde het.
‘Volgende keer kom ik met de trein hoor.’
‘Ja,’ antwoordde ik. ‘Ben erg benieuwd hoe je dat gaat doen met die spullen.’
De kofferbak van mijn auto zat aardig vol. Mand van Hester, eten en drinkbak van Hester, hondenvoer, en een tas van Elijah, maar dat was meer afronding van de kofferbakvulling.
‘Je hebt die plaid toch? Daar kan ze ook op liggen hoor.’
Ik had de auto geparkeerd en zette de motor uit.
‘Kom je nou mee,’ lachte ik.
Hij keek weer schuldig. Ik kneep lachend in zijn been.
‘Hou op jij, je kent me nou onderhand toch?’
Gelukkig, hij kon er om lachen.

Hester bleef bij Elijah. Ze loodste hem achter mij aan, mijn huis in. Elijah was voorzichtig.
‘Nou, welkom,’ zei ik luchtig.
Elijah bleef midden in mijn kamer staan, nam het in zich op, leek het wel.
‘Het ruikt hier naar jou,’ glimlachte hij.
Ik stond achter hem, kuste zijn nek, sloeg mijn armen om hem heen.
‘Kom, geef me jouw jas.’
Elijah trok zijn jas uit, bleef staan.
‘Ga zitten,’ zei ik, ‘dan haal ik de rest uit de auto.’
Hij keek ongemakkelijk.
‘Sorry,’ zei ik en pakte zijn hand. ‘Ik breng je er even naar toe.’
Hij glimlachte dankbaar. Toen ik terugkwam met de laatste dingen zat hij op de rand van de bank, Hester tussen zijn benen. Hij knuffelde haar en praatte zachtjes. Ik keek, Hester was vol aandacht voor Elijah. Tot ze mij met haar mand zag. Dat vond ze interessant. Ik legde hem op de grond, voor de verwarming, ongeveer net zoals bij Elijah thuis.
‘Ja-ha,’ lachte ik, ‘dat is jouw mand.’
Ze keek wel maar bleef toch bij Elijah zitten, beschermend bijna.
‘Zo,’ zei ik waarna ik bukte en Elijah een kus gaf, ‘geïnstalleerd. Wat lust je te drinken?’
‘Wat pak jij?’
‘Koffie,’ antwoordde ik resoluut.
‘Lekker.’
Ik ging naar mijn keuken, zocht de spullen bij elkaar. Ik keek op van de nagels van Hester op de tegels. Elijah stond in de deuropening. Hij zette half tastend een paar stappen de keuken in, gleed met zijn hand langs het aanrecht.
‘Hey,’ zei ik, om te laten weten waar ik stond.
Hij had me meteen vast, kuste me, wilde zoenen. Daar gaf ik maar al te graag aan toe. Hij gniffelde toen hij me even later losliet met een laatste kus.
‘Je bent wakkerder dan vanmorgen.’
‘Vind je het gek?’
Hij lachte. ‘Nee.’
Ik glimlachte, expres met geluid, en gaf hem een duwtje.
‘Aan de kant, je staat voor het koffieapparaat.’
Elijah zette een stap opzij en bleef wachten tot ik klaar was. Hester bekeek het allemaal met grote interesse.
‘Zo, koffie loopt.’
‘Wil je mij een rondleiding geven?’
‘Tuurlijk.’
Ik legde hem mijn keuken uit, nam hem mee door de woonkamer, naar het toilet, de slaapkamer. Hester keek, nam het in zich op leek het wel. Elijah ging terug de woonkamer in, zocht voorzichtig de bank. Dat deed hij nog trefzekerder dan ik had gedacht. Ik had er ook wel rekening mee gehouden, stapeltje huis aan huis bladen en reclame die ik vaak op de grond bij de bank liet liggen opgeruimd. Elijah ging weer zitten, Hester bij zijn voeten.
‘Ga maar in de mand,’ zei Elijah met een hand tegen haar wang. ‘Lekker liggen.’
Hester duwde even met haar kop en zocht toen de mand op. Ze draaide een rondje en ging toen liggen. Ik lachte er om.
‘Wat doet ze?’
‘Rondje draaien,’ grinnikte ik, ‘wat anders?’
Ik liet me naast hem in de bank zakken, ging tegen hem aanhangen. Ik kreeg meteen zijn armen om me heen, samen zakten we onderuit. We zoenden kort.
‘Je hebt wel een heel lekkere bank uitgezocht,’ grinnikte Elijah.
‘Ligt goed hè?’
Elijah wiebelde nog wat. ‘Uitstekend.’
We lachten. Hester lag ontspannen. Ogen open. Ze hield ons in de gaten. Ik bleef het ongemakkelijk vinden soms. Zoenen is leuk, maar steeds het gevoel dat twee ogen er naar lagen te kijken was raar.
‘Vanmiddag even de stad in?’ vroeg ik.
‘Leuk.’
‘Leer je mijn favoriete terras ook eens kennen.’
Elijah lachte. Hester keek nog wel toen hij me weer kuste, maar het werd minder. Langzaam wende ze wel aan de situatie, had door dat we de komende tijd nergens heen gingen en nam het er toen van. Haar ogen gingen dicht, ze ging net even wat comfortabeler liggen en was er niet meer bij. Die stoorde ons niet meer, zat met haar gedachten waarschijnlijk helemaal ergens anders.

Totdat de deurbel ging. Hester keek meteen op, ik schrok er ook van. Kon van alles zijn natuurlijk, maar ik had het niet verwacht. Ik liet Elijah langzaam los.
‘Wie is dat?’
‘Ik heb werkelijk geen idee. Verkoper hoop ik.’
Ik deed de deur naar de gang open en zag door de ruit in de voordeur William staan.
‘Het is mijn broer,’ zei ik.
Elijah keek even verschrikt. William zwaaide grijnzend.
‘Hij heeft me al gezien. Ik kan het hem wel uitleggen, dan komt ie gewoon een volgende keer.’
‘Dat is ook weer raar. Kun je dat maken?’
Ik zuchtte. ‘Hij weet al van jouw bestaan. Komt wel goed. Heb je jouw broek dicht?’
Dat haalde de spanning van zijn gezicht. Elijah lachte.
‘Hey,’ zei ik toen ik de voordeur open deed.
‘Hoi.’
‘Kom binnen en je komt ongelegen,’ lachte ik.
‘Ow, sorry.’ Hij bleef staan. ‘Zeg het maar…’
‘Nee, kom binnen, gek. Je hebt dat stuk niet voor niets gefietst.’
Hij hing zijn jas op, keek raar, alsof hij voelde dat we niet alleen waren.
‘Niet schrikken, er is een hond binnen.’
Hij keek me lachend met open mond aan.
‘Is die gast hier?’
‘Yup.’
‘Cool.’ Hij keek me aan. ‘Denk ik.’
Ik glimlachte. Ja, ik vond het ook spannend. Hij ging achter mij aan de kamer in. Hester zat bij Elijah, nieuwsgierig te kijken.
‘Elijah, dit is William, mijn broer. Maar je gaat vanzelf Wil zeggen.’
‘Hallo,’ zei William toch timide.
Ik zag Elijah verrast kijken. ‘Hallo,’ zei hij toen terug.
Ik duwde tegen Williams rug en knikte met mijn hoofd naar Elijah.
‘Geef effe een hand broertje, doe eens beleefd.’
William deed onhandig, verlegen. Dat had ik niet vaak bij hem gezien. Elijah glimlachte toen hij een hand kreeg.
‘Wil je wat drinken Wil?’
‘Cola.’
‘Elijah, jij nog koffie?’
‘Lekker.’
Ik griste de mokken van tafel en ging naar de keuken. Niet handig, ik liet ze meteen alleen samen. Ik voelde de ongemakkelijke stilte. Ik probeerde snel te zijn, was vrij snel terug met de twee mokken om daarna een glas voor William in te schenken. Al die tijd werd er niets gezegd. Ook mijn gedachten draaiden op volle toeren. Dit was niet gepland, ik had het zelfs nog wel even uit willen stellen. Ik zette zijn glas op tafel en ging in de bank zitten. Iedereen keek een beetje ongemakkelijk. Behalve Hester. Die leek het allemaal wel interessant en amusant te vinden.
‘Ben je bang voor honden?’ vroeg Elijah.
‘Nee hoor,’ was William zijn reactie.
Elijah boog wat voorover, klopte tegen haar flank.
‘Dat is William, hij is een broer van Teun.’
Bij het woord Teun keek ze meteen mijn kant op. Ik lachte. William hing al een beetje voorover, keek naar haar.
‘Hoi,’ zei hij vrolijk.
Hester twijfelde, was nieuwsgierig maar bleef zitten.
‘Ga maar kijken,’ zei Elijah met een duwtje.
Dat liet ze zich geen tweede keer zeggen. Ze ging staan, snuffelde aan zijn handen. William aaide over haar kop en knuffelde haar binnen een paar tellen.
‘Ze heeft er een nieuw vriendje bij volgens mij,’ glimlachte ik.
William keek op. ‘Ze is lief.’
Elijah glimlachte. ‘Is ze ook.’
‘Ze helpt jou met alles?’
‘Veel. Ze kan nog geen koffie zetten,’ zei ik.
‘Blikopener vindt ze ook onhandig,’ vulde Elijah aan.
‘Ja, duh,’ was William’s grijnzende reactie.
We lachten. Koffie zetten kon ze niet, maar Hester was een prima ijsbreker en situatieredder.

‘Weten pa en ma dat Elijah hier is?’ vroeg William even later.
‘Nee.’
‘Ga je nog naar ons toe?’
‘Nee,’ grinnikte ik balorig.
‘Tineke weet dit ook niet zeker?’
‘Dat Elijah hier is? Nee, gek, natuurlijk niet.’
‘Dus ik ben de eerste die hem ziet?’
‘Yup.’
‘Gaaf!’
‘Je houdt je mond thuis.’
‘Mag ik het ook niet tegen Tineke zeggen? Die wordt gek als ze dit hoort.’
Ik schoot in de lach. ‘Truus breekt je benen als je dat doet. En daarna die van mij.’ Ik stond op en aaide door zijn haar. ‘Nog een cola?’
Hij glunderde. Het kleine broertje had een primeur met iets waar hij meestal buiten werd gehouden als de Benjamin van de familie. Ook mij beviel het wel. Sinds ik hem met mijn kamer bezig had gezien was het mijn kleine speelse broertje niet meer, hij begon al een vent te worden. Een jaar geleden had hij dit niet echt een plek kunnen geven, nu wel. Ik genoot van hem. Half een jongen, half een man. Waarbij hij nu vooral moeite deed dat laatste te zijn. Hij dronk zijn glas weer snel leeg en stond op. Toilet.
‘Hoe oud is jouw broer?’ vroeg Elijah toen hij weg was.
‘Vijftien. Nakomertje.’
‘Ik hoorde het al aan zijn stem. Ik was verbaasd, wist niet dat je nog zo’n jong broertje had.’
‘Hij is gaaf, leuke gast.’
‘O, zeker. Ik vind het wel gezellig.’
‘Zeker weten? Sorry, het overviel mij ook toen hij net voor de deur stond.’
‘Nee, maakt niet uit. Vroeg of laat moet ik ze toch een keer tegenkomen.’
‘Ik bereid me daar liever op voor.’
William kwam weer terug de kamer in.
‘Waar kwam je eigenlijk voor?’ vroeg ik.
‘Gewoon.’
Ik grijnsde. ‘Gewoon?’
Hij keek van mij naar Elijah en daarna weer naar mij. Duidelijk, daar wilde hij het nu niet over hebben. Ging ik hem pesten door er naar te vragen? Ik keek naar zijn pols. Geen armbandje. Ik keek hem aan, liet mijn blik naar zijn pols gaan en trok vragend mijn wenkbrauwen omhoog. William haalde zijn schouders op.
‘Weg?’ vroeg ik.
‘Uhu.’
‘Wat is er gebeurd?’
‘Niks bijzonders.’
Ik keek hem veelbetekenend aan. ‘Ik zie het.’
Hij zuchtte en gaf me een protesterende blik. Ik grijnsde, stond op, bukte en gaf hem een knuffel.
‘Nog een glas, zuipert?’
Toen ik terug kwam zette ik zijn glas op tafel en ging weer naast Elijah zitten. Ik raakte hem aan waardoor hij even zijn hand op mijn been legde en kort kneep.
‘Waarom vind jij Teun eigenlijk leuk?’ vroeg William toen hij dat zag.
‘En bedankt Wil,’ lachte ik.
‘Wat?’
‘Het klinkt alsof je dat niet snapt omdat ik een vreselijke vent ben.’
Elijah lachte.
‘Nee, zo bedoel ik het niet,’ verontschuldigde hij zich direct.
Dat zorgde ervoor dat we nog harder lachten.
‘Ik bedoel, je weet niet hoe hij er uit ziet. Waarom vond je hem dan leuk?’
Elijah glimlachte. ‘Om wat hij zei, en hoe.’
‘Oké…’
‘En ik weet wel hoe hij er uit ziet.’
‘Hoe dan?’
Meteen schoot de herinnering aan het aftasten op het bankje in het park door me heen, en het aftasten in bed. Ik voelde dat ik bloosde.
‘Ik vorm vanzelf een beeld, bij hoe iemand is, hoe hij klinkt… Ik weet niet, dat gaat vanzelf.’
‘Dus je denk dat je ook weet hoe ik er uit zie?’
‘Een beetje, ik ken je pas net.’
William lachte, vond dit interessant. ‘Oké, welke kleur ogen heb ik?’
‘Licht, blauw of grijs.’
William keek verbaasd. ‘Wow.’
‘Het was een gok,’ lachte Elijah, ‘vijftig procent kans. Kleur ogen zegt mijn niets.’
‘Maar verder?’
‘Je bent jong, dat hoor ik aan jouw stem. Ik gok een beetje alternatief, aan hoe je dingen zegt. Maar dat is een gok.’
‘Nou…’
‘Ik merk dat ik er niet ver vanaf zit.’
‘Nee, niet echt. Maar hoe wist je dat van Teun?’
‘Op dezelfde manier.’ Hij grijnsde. ‘Ik ben een trui met hem gaan kopen. Dat zegt veel, wat hij uitkiest.’
Ik lachte. ‘Die was sneaky, dat vertelde hij me pas naderhand.’
William glimlachte. ‘Was het een mooie trui?’
‘Hij zit lekker. Past bij me.’ Elijah glimlachte half verlegen toen hij dat zei. ‘En verder is het voelen,’ zei hij er nuchter achteraan. ‘Zo weet ik dat hij een bril heeft en zo.’
‘En een grote neus,’ vulde William aan. Hij lachte, vond het een interessant onderwerp, dat aftasten.
‘Niet alleen zijn neus,’ grinnikte Elijah.
William grinnikte toen hij nog een slok van zijn cola nam.
‘Ik hoor je grinniken, ik schatte al in dat je zo’n opmerking wel kon hebben.’
‘O, ja hoor.’
‘En verder weet ik niet hoe je er uit ziet.’
‘Eigenlijk best wel raar.’
‘Ik ben het gewend. Ik vorm zelf mijn beeld.’
‘Ik zeg het maar even,’ zei ik, ‘hij klinkt leuk, maar in werkelijkheid is ie zo lelijk als de nacht.’
‘Niet!’
‘Wil, je ziet er niet uit,’ plaagde ik.
‘Echt wel. Niet geloven hoor, Elijah.’
‘Nou…,’ lachte Elijah uitdagend.
‘Jullie zijn erg! Echt niet. Voel dan!’
Elijah lachte. ‘Kom dan.’
William stond grijnzend op, nadat hij toch even verbaasd keek. Hij had zijn beslissing snel gemaakt, gaf lachend toe, ging er vanuit dat Elijah het toch niet zou doen.
‘Teun, schuif eens op,’ zei Elijah.
Het werd menens. Maar hij deed het wel. William ging naast hem zitten. Elijah zocht zijn schouder, pakte zijn arm en voelde zijn hand.
‘Groot, toch fijntjes.’
Daarna ging hij naar zijn nek, tastte zijn kin af. Zijn vingers gingen over zijn wang, langs zijn lippen, zijn neus.
‘Net zo groot als Teun.’
‘Niet,’ lachte William.
‘Dan zal de rest ook wel tegenvallen.’
‘Ha! Echt niet.’
‘Ik ga niet voelen.’
William kreeg de slappe lach, terwijl Elijah verder ging.
‘Mooie wenkbrauwen.’
Hij ging door zijn haar heen.
‘Geen krullen. Veel korter dan ik had gedacht.’
‘Korter?’
‘Ja, ik had langer haar verwacht. Beetje alternatiever.’
Hij ging verder naar beneden.
‘Normale oren. Ja, ik wist het.’
‘Wat?’
‘Trui. Met capuchon. Ik weet zeker, als ik verder naar beneden ga kom ik een spijkerbroek tegen en half hoge schoenen.’
‘Klopt.’
‘Veters los.’
‘Damn.’
Elijah grijnsde, sloeg een keer op zijn been ter afsluiting. William stond op om weer in zijn stoel te gaan zitten.
‘Jij bent best goed.’
‘Ervaring,’ grijnsde Elijah. ‘Maar volgens mij zie je er leuk uit. Waarschijnlijk veel meisjes achter je aan.’
‘Mwoh…’
‘Of jongens.’
‘Geen idee.’
‘Meisjes dus.’
William glimlachte, keek naar mij.
‘Eén meisje nog speciaal, of vraag ik nou teveel?’
‘Nee…’
Vernietigende blik mijn kant op. Ik trok een onschuldig gezicht. Ik had niets verteld.
‘Ik vraag niet verder,’ glimlachte Elijah.
‘Cool.’
Dat klonk afsluitend. William wilde het er niet meer over hebben. Hij keek op zijn telefoon.
‘Is het al zo laat?’ vroeg hij hardop, meer aan zichzelf dan aan ons.
‘Blijkbaar,’ zei ik.
‘Ik moet gaan.’
Hij stond op, gaf Elijah een hand en ging naar de gang. Ik ging hem achterna.
‘En?’ vroeg ik toch even voor de zekerheid.
‘Gave gast.’
Ik glimlachte opgelucht.
‘Waar is het armbandje?’ vroeg ik toen toch maar.
‘In een la.’
‘Wat is er gebeurd?’
Hij zuchtte. ‘Niets. Maar ze denkt op een of andere manier dat ik iets heb gehad met Carolien, maar dat is grote onzin.’
‘En dus heeft ze je gedumpt?’
‘En dus heeft ze nu iets met Jerome.’
‘Snelle meid.’
William haalde zijn schouders op.
‘Als ik het zo hoor beter kwijt dan rijk.’
‘Misschien.’
‘Carolien een leuke meid?’
‘Nee!’ antwoordde hij resoluut, lachend.
‘Check. Komt wel weer eentje voorbij.’
‘Ik zie wel. Nou, doei.’
‘Doei Wil. Ik vond het gezellig dat je er was.’
Hij keek nog een keer om en glimlachte. ‘Ik ook.’

Ik ging snel terug de kamer weer in.
‘Nou, dat was Wil.’
‘Leuke jongen.’
‘Leuk? Het is een mafketel.’
Elijah lachte.
‘Oké, een leuke mafketel.’ Ik boog voorover en gaf hem een kus. ‘Ik heb zin in een wijntje.’
Elijah streelde mijn wang.
‘Lekker.’
Ik glimlachte, kuste hem weer en bleef naar hem kijken toen ik naar de keuken liep. Ik voelde me tevreden. Elijah was hier, kon het goed met William vinden. Het voelde natuurlijk. Gewoon. Geen gedoe. Ja, ik was tevreden. Nu even een lekker wijntje, straks wat gaan eten in de stad. Ik zette twee glazen op tafel, keek naar hem. Ik aaide een keer door zijn haar. Dit ging een lekker weekend worden. Hij gewoon bij mij thuis, lekker nietsdoen. Ik ging ontspannen tegen hem aan zitten. Korte zoen. En nog een. Dit mocht van mij wel even zo duren. Tot mijn telefoon ging.
© 2014 Oliver Kjelsson