Spiegelbeeld (deel 1)

Print Friendly, PDF & Email

Af en toe is het lastig om een tweeling te zijn. Mensen halen ons nogal eens door elkaar. Toch zit er uiterlijk verschil tussen Mike en mij, al is het niet veel. Maar we zijn een voorbeeld tweeling, we doen bijna alles samen, hebben dezelfde interesses. We zijn geboren op 11 juni, dus ons sterrenbeeld is ook nog eens tweeling. Gelukkig zijn we nu 17, de tijd dat we dezelfde kleren droegen is voorbij. Al kijken we vaak naar elkaar in de winkel; ‘als jij dat koopt, zoek ik wel wat anders’. We weten niet beter en het heeft zijn voordelen. We hebben aan een blik genoeg om te weten wat de ander denkt. Mike is de oudste, hij kwam eerder, en wil daar nog wel eens misbruik van maken. Beetje de oudere broer spelen over mij. Nog een verschil; hij is een stuk eigenwijzer dan ik. Maar dat vindt hij weer van mij. Af en toe vraag ik me af hoe dat later verder zal gaan. We hebben wel eens voor de grap afgesproken dat we een tweeling moesten versieren, zodat alles hetzelfde zou blijven, tot aan de vriendin aan toe. Toch komt er een dag dat we onze eigen weg zullen gaan. Ik kan me er nog niets bij voorstellen. Raar idee.

Ik zit niet lekker in mijn vel de laatste tijd. Geen idee waarom. Alles gaat me een beetje benauwen, zelfs Frank, mijn tweelingbroer. Ik treiter hem er wel eens mee dat hij mijn jongere broertje is, ik ben ten slotte net iets eerder geboren, eerlijk is eerlijk. Hij droomt af en toe teveel, wil alles nog samen doen en daar heb ik niet altijd zin in. Die leeftijd hebben we wel gehad. Daar kan hij maar moeilijk aan wennen al moet ik toegeven dat het ook wel vertrouwd voelt om alles samen te doen. Frank kan zo aanhankelijk doen, alsof hij zelf niets kan beslissen. Doodmoe kan ik daar van worden soms. Ik denk dat we op het punt zijn gekomen dat we ieder een eigen weg in moeten gaan, maar dat gevoel heeft hij nog helemaal niet. Niet dat ik hem kwijt wil, helemaal niet, maar ik wil wel eens dingen voor mezelf. Dezelfde school, in hetzelfde voetbalteam, overal zijn we samen. Als we een Siamese tweeling waren geweest hadden ze ons niet eens uit elkaar hoeven te halen. Maar van mij mag het nu wel eens gebeuren.

Geen idee hoe Mike daar over denkt. We hebben het er nooit over eigenlijk. Het gaat goed zoals het nu gaat, dus waarom zouden we het veranderen?

Het zal op een gegeven moment wel vanzelf gaan. Het is nogal idioot om er een datum voor te gaan prikken; ‘vanaf volgende week gaan we onze eigen weg’. Belachelijk. Vanaf volgende week gaan we trouwens op vakantie! Daar kijk ik al maanden naar uit. We gaan naar Normandië dit jaar. Ik ben benieuwd, ik ben er nog nooit geweest. Als er maar wat te beleven valt op de camping daar.

Eindelijk, de tent staat. Het is bloedheet, en ik heb het helemaal gehad. Dikke file onderweg, geen beweging zat er in. Maar we zijn er, en de tent hebben we staan. Mike en ik gaan vanavond ons eigen tentje opzetten, als de zon wat gezakt is. Dat ding staat binnen een paar minuten.

Pa en ma hebben een leuke camping uitgekozen. Vlak bij het strand en er is genoeg te beleven in de avonduren. Frank stelde voor om onze eigen tent vanavond op te zetten en daar heeft hij ook groot gelijk in. Veel te heet nu. Niet zeuren, beter dan regen. Frank en ik gaan zo naar het strand, even het water in. Frank heeft zijn zwemshort al aan. Dezelfde als ik heb, alleen een andere kleur. Je bent een tweeling of je bent het niet. In de tent trek ik mijn short aan en met een handdoek om onze nek vertrekken we. Ik zal blij zijn als ik even in het koele water lig. Bij de camping is een klein strandje, er zijn een hoop mensen. Al snel duiken Frank en ik het water in, dat voelt goed. Binnen een half uur hebben we kennis gemaakt met andere jongens en meisjes die ook op dezelfde camping zitten. Frank is wat schuwer dan ik. Ik weet ook niet waarom, maar ik leg makkelijk contacten.

Mike is uitgelaten, hij heeft goede zin vandaag. Dankzij hem lig ik nu op mijn handdoek bij een stel andere jongeren die op dezelfde camping zitten. Vlak bij mij ligt een meisje dat ook uit Nederland komt. Ze ziet er leuk uit. Ze zegt niet veel, net zoals ik trouwens. We hebben met zijn allen al afgesproken om vanavond bij elkaar te komen in de bar. Mike praat honderduit en is vrolijk. Naast hem zit een jongen te lachen om zijn grappen. Het meisje kijkt af en toe schuin naar mij en ik durf nauwelijks terug te kijken. Ik glimlach verlegen en ze lacht terug. Ik voel dat ik een rode kop krijg en kijk weer een andere kant op. Vanavond moet ik toch proberen met haar aan de praat te komen. Als ik het durf. Ik zie een vriendin van haar naar Mike kijken en lach van binnen.

Frank is stil. Ik zie aan zijn gezicht dat er iets is. Binnen de kortste keren zie ik dat het om het meisje gaat dat schuin tegenover hem zit. Haar vriendin zit naar mij te kijken. Alsof ik daar zin in heb. Zo voor de hand liggend. Twee vriendinnen die achter een tweeling aan zitten. Kunnen ze ook geen ruzie krijgen over wie de leukste heeft. Frank kennende gaat dat nog wel even duren. Hij kijkt een keer mijn kant op en ik knipoog lachend. Hij grijnst terug. Ik weet dat als ik hem een duwtje geef het wel zal lukken vanavond. De jongen naast me praat ondertussen gewoon door tegen mij. Aardige gast, hij heeft gevoel voor humor. We hebben ons net aan elkaar voorgesteld. Rogier is hier al een week.

Haar kleine zusje zit te zeuren dat ze terug naar huis wil. Ik heb geen idee hoe laat het is. Ze staat op, trekt een T-shirt over haar badpak aan en pakt haar handdoek. Ze kijkt me nog een keer aan en glimlacht. Ik glimlach terug.
‘Tot vanavond,’ zeg ik.
‘Tot vanavond,’ lacht ze terug.
Een korte blik van verstandhouding met haar vriendin en ze is weg. Haar vriendin kijkt een keer naar me en begint dan met iemand naast haar te praten.

Dat ene meisje is al weg, Frank loopt naast haar vriendin terug naar de camping. Ik loop vlak achter ze, naast Rogier. Ik kan niet volgen waar ze het over hebben, bovendien is Rogier een mooie stoorzender met verhalen over basketbal, zijn sport. Raar eigenlijk, zo groot is hij niet. Enthousiast is hij genoeg, dat wel.
‘En, wat wilde ze allemaal weten?’ vraag ik als we samen naar onze plek lopen.
‘Hoe ik heet, waar ik vandaan kom, hoe oud ik ben, je kent het wel,’ grijnst hij.
‘Vragen in opdracht zeker?’
‘Ik denk het, ze wilde ook weten hoe jij heet.’ Frank keek me veelbetekenend aan.
‘We gaan het gezellig maken vanavond,’ lach ik.
Mijn vader heeft de barbecue al aangestoken. In de hoek van het veldje ligt de tas met onze tent. Shit, die moeten we ook nog opzetten.

Mike en ik zijn aan het klooien met het zeil dat onder de tent moet komen te liggen. Op zich is het een karweitje van niets. Die twee meiden komen lachend langs gelopen en zeggen niets. Ik ben helemaal vergeten te vragen hoe zij eigenlijk heten. Haar vriendin heeft me helemaal uitgehoord. Tot zover alles duidelijk. Mike grijnst een keer naar me als ze voorbij zijn. Hij slaat een haring de grond in en staat op om de rest te doen. Ik span wat scheerlijnen en rol slaapmatjes uit. Ventiel open en ze blazen zichzelf op. Wat een uitvinding. Na de slaapzakken en tassen is de tent compleet. Dat viel op zich nog mee.

Iedereen zit er al als wij aan komen lopen. Rogier steekt zijn hand op als hij ons ziet lopen en maakt plaats zodat ik ook kan zitten. Frank komt naast me zitten, ver van haar vandaan. Die heeft nog een lange weg te gaan.
‘Ze hebben me net vragen gesteld over je,’ glimlacht Rogier.
‘Zeg, ik ben er net,’ lach ik.
‘Anke ziet je al helemaal zitten.’
‘Ja, dag.’
‘Jouw broer vindt haar vriendin wel leuk, of heb ik het verkeerd?’
Ik glimlach. ‘Daar kon je wel eens gelijk in hebben.’
‘En jij, zeg eens eerlijk?’
Ik haal mijn schouders op. ‘Heb jij nog iemand op het oog?’
Aanval is de beste verdediging. Ik zie dat ik raak geschoten heb. Rogier blijft even stil.
‘Nee, niet echt. Vorige week was er nog wel iemand, maar die is naar huis.’
Zie ik een rode gloed op zijn gezicht? Van binnen glimlach ik, ik heb hem klem zitten en hij vraagt mij ook niet verder. Waarom zit ik de hele tijd mijn broer in de gaten te houden? Frank is opgestaan en staat bij de biljarttafel te kijken. Zij staat vlak bij hem. Anke staat er naast en kijkt af en toe naar mij. Toch doet het me wel wat. Frank staat met haar vriendin te praten. Ze lacht en hij doet vrolijk mee. Nee maar, hij ontdooit! Langzaam maar zeker gaan ze steeds dichter bij elkaar staan. Hij zegt nog iets tegen haar en ze knikt. Wat gaat hij nu weer doen? Hij loopt weg! Ik volg hem met mijn blik en zie dat hij wat te drinken gaat halen. Hij komt met twee blikjes terug. Smart move, brother! Ik glimlach een keer en zie dat Anke weer naar mij kijkt. Ze glimlacht terug. Ik kijk even naast me en zie dat Rogier verdwenen is. Ik zit in mijn eentje haar kant op te staren, dat moet er raar uit zien. Ik sta op en loop hun richting in.
‘Ha, broer,’ lacht Frank en geeft me een klop op mijn rug.
Ze lacht en Anke lacht mee. Ik wil wat te drinken gaan halen en vraag Anke of ze ook wat wil. Ze zegt dat ze wel even meeloopt en loopt achter me aan naar de bar. We bestellen wat en ik reken af voor ze dat zelf kan doen. We blijven bij de bar staan.
‘Jouw broer vindt Irma wel leuk geloof ik,’ zegt ze.
‘Zo te zien wel,’ lach ik.
‘Wie is de oudste van jullie?’
‘Ik. Kun je dat niet zien?’
Ze lacht. Ze lacht leuk. Vraag stellen, nu, niet stil vallen.
‘Ken je haar al langer?’
‘Irma? Sinds vorige week. We zijn tegelijk hier gekomen.’
Het gesprek valt toch stil, we kijken wat rond, staand naast elkaar. Ik leun met mijn elleboog op de bar. Zij draait zich even om en zet haar blikje op de bar. Ze draait weer terug en staat ineens een stukje dichter bij mij. Langzaam breng ik het gesprek weer op gang, nietszeggend gebrabbel over thuis, over school. Ze pakt haar blikje weer en leunt nu met haar arm tegen die van mij. Dat voelt nog goed ook.
‘Ik ga even buiten kijken,’ zegt ze op een manier waarmee ze eigenlijk zegt; ‘ga je mee naar buiten?’
Ik trek goedkeurend mijn wenkbrauwen omhoog en loop achter haar aan. Voor we naar buiten gaan kijk ik nog even rond. Ik zie Frank en Irma nergens meer. Er zitten meer mensen buiten, Rogier zit er ook tussen en kijkt me grijnzend aan als hij me met Anke naar buiten ziet komen. We gaan bij de rest zitten, op een muurtje, Anke dicht tegen me aan. Er wordt gelachen en gepraat maar het dringt niet helemaal tot me door. Ik voel haar hand tegen mijn been, ik leun mijn schouder tegen die van haar. Ze duwt zachtjes terug. Het wordt al laat en ze kijkt op haar horloge.
‘Ik moet zo terug,’ zegt ze.
Ik knik en zeg verder niets.
Ze staat op en wenst iedereen welterusten. Ik sta ook op.
‘Wacht, ik loop wel even met je mee.’
Ze glimlacht en loopt naast me van de rest weg. Een eindje verder lopen we nog steeds naast elkaar, maar wel steeds dichter. Haar hand raakt die van mij. Ik sla langzaam mijn arm om haar heen en dat laat ze gretig toe. Op de hoek van het straatje waar de caravan van haar ouders staat staan we stil. We draaien naar elkaar toe en kijken elkaar aan in de schemer van een lantarenpaal die een stukje verder brandt. Haar hand glijdt langs mijn arm, mijn hand over haar rug.
‘Ik zie je morgen,’ zegt ze onnozel. Net zo nerveus als ik.
Ik glimlach. Ze komt nog wat dichter bij me staan en dan gebeurt het toch nog. Zachtjes kussen we elkaar. En nog eens, en nog eens…..
Met een ‘ik moet nu echt gaan’ laat ze me los, geeft me een laatste kus en verdwijnt in het donker. Op het muurtje bij de bar zit Frank op de plek waar Anke en ik net nog zaten. Rogier zit naar me te grijnzen als ik in het licht verschijn.

Ik zie haar meteen zitten als Mike en ik aan komen lopen. Ik ga naast Mike zitten en zoek naar een mogelijkheid om dichter bij haar in de buurt te komen. Ze staat op en gaat bij de biljarttafel staan kijken. Dat is mijn kans, hoop ik. Ik ga er bij staan en al snel raken we aan de praat. Ze heet Irma, weet ik al snel. We praten over van alles en nog wat. Ik ga haar met de minuut leuker vinden. Ik zie Mike af en toe onze kant op kijken. Oude broer moet weer zeker weten of klein broertje het goed doet. Op een gegeven moment zit hij alleen als ik terug bij Irma ben met wat te drinken. Waar zit hij toch met zijn gedachten? Hij staat op en komt bij me staan. We praten wat maar al snel gaat hij met Anke naar de bar. Mooi, ik heb geen zin in een broer die me de hele tijd in de gaten houdt. Ik ben zo al nerveus genoeg. We praten vanavond wel bij. Irma is dicht tegen me aan komen staan. Ik kijk nog een keer naar de bar en zie dat Mike druk met Anke aan het praten is. Ze lachen. De biljarters zijn klaar en gaan naar buiten. Irma en ik volgen. Zonder iets te zeggen lopen we naar buiten, Mike heeft me niet in de gaten. Buiten is het druk en Irma zit stil naast me. Ze staart wat voor zich uit en lacht af en toe naar me. Ik weet niet wat ik moet doen. Veel te verlegen in die dingen. Dus zeg ik ook niets. Haar zusje trekt aan haar arm en zegt dat ze naar de speeltuin wil. Ze kijkt me even aan.
‘Ik moet even met haar mee,’ zegt ze verontschuldigend.
Voor ik er erg in heb is ze weg. Mijn hoofd draait. Ik pieker wat ik nu zal doen, hier blijven of er achter aan. Ik doe het laatste. Ik zie haar op een bankje zitten, haar zusje leeft zich uit op een schommel. Ze ziet me aan komen lopen en glimlacht weer. Een kort ‘hallo’ en gestaar naar schoenen. Veel zeggen we niet. Volgens mij voelt ze hetzelfde als ik, denkt ze ook hetzelfde. Maar we doen niets, tot het voor haar tijd wordt om te gaan. We spreken af elkaar morgen weer te zien op het strand. Ze verdwijnt met haar zusje en ik zit weer alleen. Geen zin om meteen terug te gaan naar de bar loop ik een eind om. Had ik het anders aan moeten pakken? Had ik meer moeten zeggen op dat bankje? Ik kon toch moeilijk iets doen waar haar zusje bij zat? Als ik terug bij de bar kom is Mike verdwenen. De jongen waar Mike vanmiddag mee heeft zitten praten op het strand kijkt me lachend aan.
‘Hij is met Anke weg,’ lacht hij.
Ik glimlach en knik een keer. We kijken elkaar begripvol aan. Even later komt Mike terug en grijnst. Verder zegt hij niets. Dat doen we straks in de tent wel.

‘Wel toevallig,’ zegt Frank als we in de tent liggen.
‘Niet helemaal,’ lach ik, ‘dat hadden ze helemaal voorbereid.’
‘Hoe bedoel je?’
‘Voor wij bij de bar waren hadden ze Rogier al helemaal uitgehoord over ons.’
‘Rogier?’
‘Die jongen waar ik vanmiddag mee heb zitten praten op het strand. Ze wilden alles over ons weten. Irma jou, Anke mij, volgens mij hadden ze dat op het strand al beslist.’
‘Zou best wel eens kunnen. Leuke meid, Anke?’
‘Gaat wel.’
‘Gaat wel? Klinkt niet echt enthousiast.’
Ik zucht. Dat is me zelf ook al opgevallen, broertje, dat hoef je me niet in te wrijven.
‘Irma lijkt me ook wel aardig,’ zeg ik om het even te ontwijken.
‘Ze is echt leuk,’ zucht Frank.
Die heeft het flink te pakken. Leuk voor hem. Ik lig aan Anke te denken en weet dat het niet diep bij me zit. Ik zie morgen wel. Ik ben moe, vroeg vertrokken thuis.
‘Terusten, broertje,’ zeg ik als ik me omdraai en mijn ogen dicht doe.
‘Jij ook, lul.’
Na wat gegrinnik blijft het stil. Frank slaapt eerder dan ik. Veel eerder.

Pa en ma zijn fietsen. Veel plezier. Frank en ik gaan naar het strand. Men with a mission. Irma en Anke zitten er al. Ik leg mijn handdoek naast die van Anke en ga zitten. Ze geeft me een kus wat een hoop stiekeme blikken uitlokt bij de rest. Ze is wel lekker direct moet ik zeggen. Frank zit naast Irma en zit met haar te praten. Ik probeer het gesprek een beetje te volgen. Haar ouders zijn met haar zusje op pad, ze heeft een flinke discussie moeten voeren om niet mee te hoeven gaan. Nogal logisch, ze zit liever op het strand met mijn broer. Anke zit het net als ik in de gaten te houden en lacht een keer naar me.
‘Water in?’ Ze kijkt me vragend en uitdagend tegelijk aan.
‘Mij best,’ zeg ik.
Voor ik er erg in heb is ze opgestaan en rent het water in. Ik sprint er achteraan en duik naast haar voorover. Ze duikt over me heen en probeert me onder te duwen. Dat laat ik me niet gebeuren. Met mijn handen in haar nek probeer ik bij haar hetzelfde. Het lukt me niet, haar ook niet. Onze knijpende handen verslappen en ze slaat zachtjes haar armen om me heen. Kus.

Ik sla weer eens dicht en baal er van. Haar zusje is er vandaag niet bij, tot grote opluchting van mij. Volgens mij is ze er zelf ook blij mee. Ik zie Mike achter Anke het water in rennen. Ze stoeien en kussen elkaar.
‘Gaat goed met die twee he?’
Ik kijk Irma aan nadat ze het gezegd heeft. Ik glimlach. ‘Best wel.’
Met mijn voet duw ik zand vooruit en kijk er naar. Irma zit met haar benen opgetrokken, armen om haar knieën naar het water te kijken.

‘Het schiet niet echt op met die twee, is het wel?’
‘Volgens mij is die vriendin van jou net zo verlegen als mijn broer.’
Ze hangt tegen me aan terwijl we samen naar twee mensen op het strand kijken die roerloos naast elkaar zitten.
‘We zullen ze eens een handje helpen,’ zegt ze balorig.
‘Nee,’ zeg ik resoluut. ‘Dat komt wel, laat ze nou maar.’
‘Zou je denken?’
‘Waarom niet?’
‘Vorige week heeft ze ook 4 dagen achter een jongen aan gezeten zonder dat er iets gebeurde. En toen was hij weg.’
‘Jij ook?’
‘Ehh…,’ zegt ze en lacht ondeugend.
Ik grijns en zeg er verder niets van. Iedereen komt het water in en gooien een bal naar ons toe. Anke en ik stoeien, ik win. Ik gooi de bal wee terug en zie Frank en Irma schuchter naast elkaar naar ons toe komen. Ik loop op ze af en voor ze verder dan hun middel het water in kunnen laat ik me met een aanloop tussen hen invallen. Het koude water spettert tegen hen omhoog.
‘Zak,’ lacht Frank en probeert me onder water te duwen.
Ik verzet me en stoei een stuk met mijn broer.
‘En dat doe je straks maar met haar,’ grinnik ik als ze even buiten gehoorafstand is.
Frank grijnst terug. Ik knipoog en zwem terug naar Anke, waar Irma ondertussen ook al is. Ik zwem een eindje verder en krijg de bal tegen mijn hoofd. Ik kijk om en zie Frank lachen. Anke komt naar me toe maar voor ze iets kan doen gooi ik hem weer terug, tussen hem en Irma in. Ik knik hun richting in en Anke draait zich om. Ze staat voor me en met mijn armen om haar middel zien we hoe Irma en Frank met elkaar vechten. De bal drijft langzaam weg en wordt meegenomen door iemand anders maar dat hebben ze niet in de gaten. De rest gooit verder naar elkaar, Anke en ik blijven op afstand, net als Frank en Irma trouwens. Het stoeien gaat al langzamer en wat ik al verwachtte gebeurde. Kus.
‘Yes!’ hoor ik Anke voor me zeggen.

He, he, diepe zucht. Het ijs is gebroken. Ik voel me nu opeens een stuk zekerder. Irma blijft verlegen, maar dat is niet erg. Ik vind het juist wel wat hebben. Ik krijg ondertussen wel wat van die Anke. Dat ze zich met Mike bezig houdt in plaats van ons in de gaten te houden. Irma ergert zich er ook aan, dat merk ik aan haar. Ze zit vlak naast me op haar handdoek. Ik heb dorst. Ik sta op om op de camping wat blikjes te gaan halen, Mike loopt met me mee.

Frank is door het dolle heen. Zo stil als hij gisteren was, zo druk is hij nu. Hij loopt naast me terug naar de camping, drank halen voor onszelf en de dames.
‘Ze is echt leuk,’ jubelt hij.
‘Ze lijkt me heel aardig,’ antwoord ik eerlijk.
‘Met jou en Anke gaat het ook wel goed geloof ik?’
‘Jawel,’ zeg ik droog.
Frank kijkt me een keer onderzoekend aan.
‘Nee, het gaat goed,’ zeg ik snel, maar niet echt overtuigend.
Hij reageert er niet op, hoofd in de wolken. We slaan wat blikjes in en lopen langzaam terug.
‘Anke bemoeit zich wel erg met Irma,’ zegt Frank ineens.
‘Met wie niet?’ mompel ik.
Frank lacht. ‘Inderdaad.’
‘Ze is een beetje te enthousiast met alles. Ik rem haar wel af.’
Als we terug het strand oplopen zit Anke al vrolijk naar me te zwaaien. Ik zucht een keer en Frank schiet in de lach. Hij kent me. Daar krijg ik al snel genoeg van, dat overdreven gedoe. Zo blijft ze dus de hele middag. En waarschijnlijk vanavond, en morgen….. Ik zucht een keer. Dit gaat niet goed komen.

Ik zie aan Mike dat hij de balen krijgt van Anke. We zitten buiten bij de bar en Anke zit aan hem te plukken dat ze even samen met hem weg wil. Hij blijft stug zitten. Om te treiteren kruipt Irma nog wat dichter tegen me aan. Ik zie Anke kijken. Rogier vraagt wie er zin heeft om een potje te poolen. Mike reageert meteen. Samen lopen ze naar binnen, Anke kijkt nog chagrijniger.
‘Even gaan kijken,’ zeg ik en trek Irma van het muurtje. Samen lopen we naar binnen en gaan bij het biljart op de rand van de tafel zitten. Mike grijnst een keer naar me, ik grijns terug. Typisch Mike, die doet waar hij zin in heeft. Anke komt naar binnen, Irma lacht een keer veelbetekenend naar mijn broer. Hij knipoogt een keer naar haar en grijnst. Anke komt er bij zitten en zegt niet veel. Ze verveelt zich, dat is wel duidelijk. Het gaat niet zoals ze gepland had. Mike gaat even bij haar staan terwijl Rogier de ene na de andere bal wegwerkt. Dat heeft hij vaker gedaan.
‘Hoe lang duurt het potje nog?’
‘Geen idee,’ zegt Mike, ‘hierna misschien nog eentje. We zien wel.’
‘Mike heeft er nu al genoeg van,’ zegt Irma als we bij de bar wat te drinken bestellen.
‘Ik geloof het ook ja.’
‘Ik geef hem geen ongelijk.’
Ik kijk haar verbaasd aan.
‘Vind jij haar niet druk dan?’
Ik schiet in de lach. ‘Beetje wel ja.’
‘Ze bemoeit zich met iedereen, en wil tegelijkertijd hem helemaal voor zichzelf hebben.’
‘Moet ze vooral bij Mike doen. Als ze dit zo volhoudt is ze hem vanavond weer kwijt.’
Irma haalt haar schouders op. ‘Heeft ze morgen weer een ander.’
‘Meen je dat nou?’
Ze knikt. ‘Vorige week had ze een ander. Die was zaterdagochtend vertrokken en diezelfde middag zat ze al naar je broer te kijken op het strand.’
Ik lach een keer schamper.
‘Als jouw tweelingbroer hetzelfde is als jij, dan verdient hij beter.’
Ze lacht en geeft me een kus op mijn wang.
‘Ik zou het zo niet kunnen,’ zeg ik, nog verlegen van het verborgen compliment.
‘Vorige week heeft ze me willen koppelen aan een jongen, maar daar had ik helemaal geen zin in. Ze bleef maar proberen.’
‘Zag hij het wel zitten?’
‘Volgens mij wel, ze heeft hem helemaal gek zitten maken, pushen om maar bij mij in de buurt te blijven, dan zou ik wel toegeven. Mooi niet dus.’
‘Ik dacht dat jullie het beter met elkaar konden vinden.’
‘O, dat kunnen we op zich ook wel. Maar ze moet niet te ver gaan.’
Ik kijk naar het biljart en zie dat Rogier de ballen weer opnieuw in een driehoek legt. Mike geeft Anke een kus en legt aan op tafel. De ballen spatten uiteen, net als de plannen van Anke.

Zo, nog een potje. Ze gaat steeds vuiler kijken. Ze doet maar. Ik vermaak me prima met Rogier op dit moment. Ik heb echt geen zin om met haar alleen ergens te gaan zitten en te roddelen over de rest. Hoe ze vanmiddag zich ook met Frank en Irma zat te bemoeien. Ze had ze wel naar elkaar toe willen duwen. Laat die twee toch, denk ik dan. Komt vanzelf wel goed. Bovendien, ik vind zoenen erg leuk, maar ik wil nog wel wat meer meemaken op vakantie. Anke zit de ballen in de pockets te kijken. Niet dat ze daar veel aan hoeft te doen. Die Rogier kan er wat van. Voor de tweede keer word ik genadeloos ingemaakt. Rogier kijkt geconcentreerd onder zijn wenkbrauwen door naar de witte bal die de ene na de andere gekleurde laat verdwijnen. Hij mist.
‘Maak jij het maar af,’ zegt hij spottend.
Ik geef hem een duw en weet drie van de zeven overgebleven ballen weg te werken. De laatste zijn voor hem. Ik feliciteer hem met de duidelijke overwinning en loop met hem en Anke naar buiten. Anke wil weg, dat is duidelijk. Ik geef toe, en onder het wakend oog van Frank en Irma vertrekken we. Ik zucht. We gaan eens een leuk gesprek voeren.

Kort nadat Mike en Anke vertrokken zijn gaan Irma en ik ook. Even alleen zijn. Irma trekt me naar een bankje en gaat zitten. Ik ga naast haar zitten en leg een been achter haar langs. Ze laat zich tegen me aan vallen en kust me. Mijn armen gaan om haar heen en ik antwoordt. Lang.
Na een tijdje horen we voetstappen. Er komt iemand voorbij lopen. We kijken allebei en zien dat het Anke is.
‘Mike er niet bij?’ vraag ik.
‘Nee,’ is het korte antwoord.
‘Waar is hij dan?’
‘Geen idee. Interesseert me ook geen bal. Ik zie jullie morgen wel.’
En weg is ze weer.
‘Wat zei ik je?’ zegt Irma terwijl ze haar nakijkt.
‘Het was te verwachten.’
‘Mag ik nog een voorspelling doen?’
‘Nou?’
‘Ken je die Franse jongen die er vanmiddag bij was?’
‘Donker haar?’
Ze knikte. ‘Let maar op. Morgen. Op het strand. Bal, water, stoeien.’
Ik grinnikte. ‘Ik geloof je meteen.’
‘Zou ik ook maar doen,’ zegt ze uitdagend en geeft me een kus. ‘Ik moet zo ook weer terug.’
‘Ik breng je.’
Na een lange zoen breng ik haar terug en loop naar mijn tent. Mike ligt al op zijn matras. Slaapt hij? Hij reageert niet op zijn naam. Zachtjes kleed ik me uit en kruip mijn slaapzak in.

Laat mij maar even. Geen zin om te praten nu.

Mike is stil bij het ontbijt. Mijn ouders protesteren dat ik al weer naar het strand wil, ze willen ook nog wat dingen gaan bekijken met zijn allen. Ik blijf volhouden en ze halen hun schouders op. Mike bemoeit zich niet met de discussie. Als ik opsta om naar het strand te gaan blijft hij zitten.
‘Ik kom later wel,’ zegt hij.
Mijn ouders kijken elkaar een keer aan maar zeggen niets. Ik laat hem maar. Onderweg kom ik Irma tegen. Na een kleine kus lopen we hand in hand verder, het strand op. Anke is er al. Die Franse jongen ook. Ze zit pal naast hem.
‘Je moet waarzegster worden,’ lach ik.

Zo, Frank naar het strand, mijn ouders de hele dag op pad. Even tijd alleen. Wat een gedoe gisteravond. Wat was ze kwaad geworden. Nog voor ik iets kon zeggen. Ik had haar links laten liggen, ik had niet moeten gaan poolen met Rogier. Dat maakte het er voor mij wel makkelijker op. Punt er achter. Meteen. De groeten. Toen bond ze nog in ook. Zo bedoelde ze het niet, ze snapte het wel. Tuurlijk, en morgen weer hetzelfde gezeik. Ik had haar wel door. Nee, dat kon ze vergeten en dat liet ik haar weten ook. Weer een bak verwijten, ik nam haar niet serieus, ik deed zo maar wat. Toen ben ik gegaan. Zomaar laten staan. Ze riep me nog terug maar ik heb mijn hand opgestoken zonder om te kijken. Doei!
En nu zit ik alleen voor de tent. Voeten op een andere stoel, boek er bij en een groot glas fris. Even geen gedoe aan mijn hoofd.

Ik begin me onderhand af te vragen waar Mike blijft. Hij zou nog komen, maar ik zie hem nog steeds niet. Irma kijkt me een keer vragend aan.
‘Komt Mike niet meer vandaag?’
‘Hij zou wat later komen zei hij vanmorgen. Maar hij maakt het wel erg laat.’
‘Zou hij het dan toch erg vinden van Anke?’
Ik haalde mijn schouders op. ‘Geen idee. Gisteravond sliep hij al toen ik de tent in ging en vanmorgen was hij wat stil. Geen idee wat er gebeurd is tussen die twee.’
‘Moet je niet even gaan kijken?’
‘Nee, die redt zich wel.’
Ik kende Mike wel, die zat er echt niet op te wachten dat ik nu zijn handje vast ging houden. Zou ik zelf ook niet willen. Irma stoot me aan en lacht.
‘Waar ben je?’
Ik glimlach. ‘Mike. Ik vraag me af wat er gebeurd is met die twee.’
‘Ik denk niet dat we dat van haar zullen horen. Ze ontwijkt me een beetje vandaag.’
We kijken samen naar het water waar Anke met de Franse jongen in het water aan het stoeien is. Ze daagt hem uit, overduidelijk. Irma kijkt me een keer betekenisvol aan.
‘Ga je nou ook nog voorspellen hoe lang het nog duurt?’
Ze lacht. ‘Ik kan niet in minuten voorspellen, maar meer zal het niet zijn.’
Ik ga op mijn rug liggen en Irma kruipt er op haar zij bij. We zoenen. Als we een tijd later weer eens kijken zien we dat de voorspelling uitgekomen is. Twee hoofden komen nog net zoenend boven het water uit. Ik wil niet weten wat er onder water gebeurt.

Frank wil meteen weten waarom ik niet meer naar het strand gekomen ben. Ik was het wel van plan, eerlijk waar. Ik had mijn boek al dicht geslagen en rekte me een keer uit toen Rogier bij me kwam zitten. We hebben wat gepraat over Anke en hij is een paar keer in de lach geschoten. Hij had het al wel gedacht.
‘Waar was je vanmiddag?’ vraagt hij serieus bezorgd.
‘Ik wou net naar jullie toe gaan toen Rogier langs kwam.’
‘Had hij geen zin om mee te gaan dan?’
‘Nee, we hebben zitten praten en zijn hier een eindje verderop naar een waterval gaan kijken.’
‘Waterval?’
‘Nou ja, een beekje dat steil naar beneden loopt. Leuk hoor, moet je eens met Irma naar toe gaan, best romantisch daar.’ Ik grijns, Frank grijnst terug.
Onze ouders komen thuis en mijn vader stookt de barbecue weer op. Morgen blijven ze een dagje rond de tent hangen, overmorgen gaan we met zijn allen naar de invasiestranden kijken. Vinden ze opvoedkundig verantwoord.

Mike heeft zijn eigen plan getrokken vandaag. Goed toch? Ik geef hem groot gelijk. Bovendien vraag ik me af of hij het geflikflooi van Anke met die Fransoos had willen zien. Waarom praat hij er niet over? Ik geef toe, ik ben nieuwsgierig naar wat er gebeurd is gisteravond. Hij laat er niets over los. Komt nog wel, als we zonder ouders zitten. Die hebben er geen bal mee te maken.

Ik zie Anke op schoot zitten bij een donkerharige jongen. Ik kijk naar Irma en trek mijn wenkbrauwen op. Ze lacht een keer terug en haalt haar schouders op. Rogier stoot me aan.
‘Kapot laten vallen. Poolen?’
Ik glimlach en knik. We lopen naar binnen en leggen de ballen in een driehoek. Ik mag beginnen. Alsof dat gaat helpen. Ik weet er vier te potten en ga staan kijken hoe Rogier verder gaat. Frank en Irma komen bij me staan.
‘Ze heeft al weer iemand anders zag ik?’ Ik vraag het spottend.
‘Zo is ze,’ zegt Irma, ‘laat maar gaan, Mike.’
‘Ik was niet anders van plan.’
‘Wat is er gisteravond nou eigenlijk gebeurd?’ Frank kijkt me vragend aan.
‘Niets bijzonders eigenlijk,’ zeg ik en kijk naar Rogier die me aanstoot.
‘Jij bent.’
Ik kijk naar de tafel en zie dat hij veel heeft laten liggen. Ik leg aan en mis schandelijk. Rogier grijnst naar me en gaat verder. Ik draai me naar Frank.
‘Ze verweet me meteen toen we hier weg waren dat ik met Rogier was gaan poolen. Toen was het voor mij wel duidelijk. Ik wou gaan maar toen krabbelde ze terug. Ik mocht natuurlijk wel poolen, ze begreep het wel. En daar trapte ik niet in. Ze schold me behoorlijk verrot en toen ben ik maar gegaan.’
‘Groot gelijk,’ zegt Irma.
Ik kijk haar verbaasd aan.
‘Dat van die Franse jongen had ik gisteravond al voorspeld. Zo is ze. Je verdient beter, Mike.’
Dat raakt me.
‘Dank je. Dat zal ook wel lukken.’
‘Dat weet ik wel zeker.’
‘Pas op broer, ze kan voorspellen,’ lacht Frank.
‘Ik zie het wel gebeuren,’ lach ik.
Rogier staat voorover gebogen naar de bal te kijken. Hij legt aan en stoot in één keer twee ballen weg. Daar win ik nooit van. Niet dat me dat wat uitmaakt. Hij is aangenaam gezelschap. We lachen wat af samen. Net zoals vanmiddag. Ik was wel blij dat hij ineens aan kwam lopen. Ik kon mijn verhaal goed bij hem kwijt. We denken ook een beetje hetzelfde over die dingen. Hij laat zowaar twee ballen voor me over, die nog makkelijk liggen ook. Ik maak het potje af en voel iets van een overwinning. Ik heb toch maar mooi de laatste er in gelegd. Dat driekwart van de andere ballen door hem zijn gepot doet er even niet toe. Rogier slaat tegen mijn schouder en lacht.

‘Ga je morgen mee naar het strand?’ vraag ik als we in de tent liggen.
Ik heb Irma terug naar huis gebracht en Mike is op me blijven wachten tot ik terug was.
‘Rogier gaat morgen een mountainbike huren en heeft gevraagd of ik mee ga.’
‘Breek je nek voorzichtig.’
‘Ik zal kijken wat ik kan doen.’ Hij lacht.
‘Waar is die waterval eigenlijk?’
‘He he,’ grinnikt Mike, ‘meneer zoekt een romantisch momentje morgen?’
‘Zoiets.’
‘Achteraan op de camping is een pad dat de door de bossen loopt. Gewoon blijven volgen, na een minuutje of tien ben je er.’
‘Thanks, broer.’
‘Graag gedaan. Veel plezier morgen.’
We wensen elkaar welterusten en vallen in slaap. Midden in de nacht word ik weer wakker van de rits van de tent. Mike sluipt de tent in.
‘Waar kom jij vandaan?’
‘Ben je nog wakker?’
‘Nee ik slaap nog, sukkel. Ik werd wakker van de rits. Hoe laat is het?’
‘Half 3. Ik moest even naar het toilet.’
Ik draai me op mijn zij en mompel iets van een welterusten. Ik hoor hoe hij zijn kleren weer uittrekt en val in slaap.

Dat was niet de bedoeling, dat ik Frank wakker zou maken. Vooruit, hij slaapt alweer en stelt verder geen vragen. Mooi zo, hij hoeft niet alles te weten. Ik kruip mijn slaapzak in en draai me op mijn zij. Morgen een flink eindje fietsen, ik heb er zin in. Ik heb overal zin in.

Mike zit opgewekt aan tafel en smeert nog wat extra broodjes die in zijn rugzak verdwijnen. Hij stopt er nog een fles drinken bij en steekt zijn hand op naar Rogier die naar onze tent loopt. Rogier komt er bij zitten op de grond en drinkt een kop thee mee.
‘Doe je wel voorzichtig?’ vraagt onze moeder nog aan Mike die zuchtend reageert.
Typisch ma, altijd zorgen voor ons. Toch hebben we niet te klagen, ze laat ons redelijk vrij in onze doen en laten. Ze begint ook al voorzichtig vragen te stellen over Irma, al weet ze dat we daar nooit veel over loslaten.
‘Ik heb je gisteren met een meisje zien lopen,’ begint ze.
‘Wanneer?’
‘Gisteravond, met Rogier en Mike.’
We zijn gisteren inderdaad met zijn vieren bij de bar vertrokken.
‘Is ze leuk?’ vraagt ze.
‘Nee. Oervervelend, mam,’ zucht ik.
Rogier en Mike schieten in de lach. Mijn vader glimlacht. Dat antwoord had ze kunnen verwachten. Ze kijkt een keer de lucht in en zucht lachend. Ik trek een raar gezicht naar Mike en pak mijn handdoek van de waslijn.
‘Veel plezier,’ zegt hij lachend.
‘Jullie ook,’ antwoord ik en lach nog een keer naar hem.
Bij de uitgang van de camping krijg ik een kus. Ze stond al op me te wachten.

Rogier en ik zijn kort na Frank vertrokken. Na wat wijze raad van mijn moeder hebben we fietsen gehuurd en op weg gegaan. Rogier rijdt voor me, hij kent de weg hier een beetje. Ik kijk naar zijn gespannen kuiten die de pedalen ronddraaien. Vlak voorbij het watervalletje slaat hij een pad in naar boven. Ik denk aan Frank en Irma, die gaan hier nog naar toe vanmiddag. Daar ken ik Frank goed genoeg voor. Als we boven zijn stoppen we even. Rogier kijkt achterom als hij afstapt en glimlacht. Hij wrijft een keer over zijn voorhoofd, zijn haar piekt nat omhoog. Hij mag dan wel beter kunnen poolen, mijn conditie is beter.

Na een uur of twee op het strand gelegen te hebben stoot ik Irma aan.
‘Zullen we gaan?’
‘Wil je al weg?’
Ik knik. Ik heb het even gehad hier. Anke zit weer goed overdreven te doen en sinds het voorval met Mike zegt ze ook geen woord meer tegen mij of Irma. Bovendien ben ik het watervalletje waar Mike het over had niet vergeten.
‘Even een eindje gaan lopen.’
‘Mij best,’ zegt ze en kijkt me lachend aan. Ook zij heeft het wel gezien hier vandaag. We vertrekken, groeten de rest en lopen terug richting de camping.
‘Waar ga je eigenlijk naar toe?’
Ze heeft door dat ik een bepaalde richting in wil.
‘Verrassing,’ lach ik.
Ze glimlacht en loopt naast me. De beschrijving van Mike klopt, we lopen het pad in en genieten van de schaduw van de bomen. Irma heeft mijn hand vastgepakt. Ik kijk haar al lopend aan en geef haar een kus. Ze is vrolijk. In de verte hoor ik het water al lopen en een paar minuten later zijn we er. Mike heeft niets teveel gezegd. Het ziet er inderdaad mooi uit. Ik leg mijn handdoek op de grond en trek haar naast me neer in het gras.
‘Hoe ken je dit nou weer?’
‘Tip van mijn broer, die is hier gisteren geweest.’
Ze lacht en geeft me een kus op mijn wang. Al snel liggen we tegen elkaar. Zoenend vergeet ik de wereld om me heen.

Ik mag dan wel een grote mond hebben over mijn conditie, maar nu zit ik er toch ook flink doorheen. Heulvel op, heuvel af en dat in een flink tempo. Halverwege de dag zijn we ergens in het gras gaan liggen en hebben we wat gegeten. Ik ben weer een hoop meer te weten gekomen over Rogier. Hij heeft geen broers of zussen en heeft zo geleerd zichzelf bezig te houden. Groot verschil met mij, ik heb mijn broer bijna altijd om me heen. Hij kan serieus over dingen praten maar je kunt ook erg met hem lachen. En hij is sterk. Daar ben ik achter gekomen nadat we hebben liggen stoeien in het gras. Hij had met water zitten gooien naar me en dat kon ik niet op me laten zitten. Met natte haren zijn we verder gereden. Rond half 4 hebben we de fietsen ingeleverd. Het was geweldig vandaag, maar ik ben goed moe, heb dorst en het zand zit tot achter mijn oren. Rogier schenkt twee glazen in bij zijn tent die we in één keer achterover gooien. Daarna wil ik nog maar één ding; douchen.

Ze is mooi. Alles aan haar is mooi. Ze ligt op haar zij naar me te kijken, haar blauwe ogen kijken diep in die van mij. Ik streel haar arm en we praten over van alles. We weten nog zoveel niet van elkaar. School, vrienden thuis, ouders, mijn broer, haar zusje. We lopen nog een eindje verder door en voor we er erg in hebben komen we weer bij de camping aan. We zitten nog even op een bankje voor we verder gaan. Ze vraagt naar eerdere vriendinnen die ik niet veel heb gehad. Ik zal wel een laatbloeier zijn, ik heb me daar nooit zo mee bezig gehouden. Het interesseerde me nooit zo. Met haar is het anders. Geen idee waarom. We zoenen en staan op. We spreken af voor vanavond en ze gaat naar haar ouders. Ik loop naar onze tent. Mijn ouders zijn er niet. Ik zoek in mijn tent naar een fles douchegel en shampoo en loop naar het toiletgebouwtje. Ik doe de deur van een douche dicht en kleed me uit. Ik wacht tot het water warm is en laat het dan over me heen stromen. Mijn hoofd nog in de wolken van vanmiddag. In de douche naast me hoor ik iemand kort kuchen, onmiskenbaar Mike. Ik wil wat zeggen maar hou net op tijd mijn mond. Hij is niet alleen. Ik glimlach. Wat vreet hij nou weer uit? Het duurt even voor ik door heb wie er bij hem onder de douche staat. Ik spoel net het schuim uit mijn haar en blijf verbaasd met mijn handen op mijn hoofd staan. Ik hoor de fluisterende stem van Rogier. De geluiden uit de douche naast me maken me duidelijk dat ze niet alleen maar aan het douchen zijn.

Mijn hoofd tolt. Mike? Met Rogier? Ik maak alles snel af. Ik wil weg. Ik wil dit helemaal niet weten.
© 2005 Oliver Kjelsson